vrijdag 12 februari 2010

"IK ZIE DAT JE ME WIL"


08.10 uur
Zoals dat gaat tijdens een verbouwing word ik uit mijn slaap gerukt door de schilder die aanbelt. Kennelijk ben ik door de wekker heen geslapen en verward en slaperig ren ik naar boven om de deur open te doen. De beste man is na 3 weken schilderen inmiddels wel wat van me gewend en doet net of hij niet merkt dat ik er uitzie als een wildebeest en gaat aan het werk. Braaf hoor, ik wou dat iedereen zo attent was als de schilder.

09.20 uur
Inmiddels ben ik gewassen, aangekleed en opgemaakt en zie ik er uit om door een ringetje te halen. Het gebeurt steeds minder vaak, maar soms zijn er toch nog van die dagen dat moeder natuur lekker meewerkt en ik huppel dan ook blij in de rondte. Ondertussen negeer ik de chaos hier in huis, want dat is het beste voor mijn humeur. Ik doe net of ik die laag stof die overal ligt niet zie en ook de stuc-, verf- en primervlekken die op iedere vloer en muur zitten negeer ik. Ik blijf dus blij en maak een niet te verwoesten blij plan voor de dag.

09.25 uur
Tot zover mijn blije bui. Daar is de timmerman. De timmerman en ik kunnen niet samen communiceren. Hij hoort alleen zichzelf, is extreem snel op zijn tenen getrapt en kan niet tegen kritiek. Ik beschik niet over tact en ben behoorlijk drammerig als ik weet wat ik wil, dus dat is geen goeie combi. Omdat ik niet tevreden ben over de voordeur die de timmerman heeft gemaakt, probeer ik hem dat voorzichtig uit te leggen.

09.38 uur
De timmerman is boos. Hij is het niet eens met wat ik zeg en ik probeer dat beetje tact waar ik over beschik in de strijd te gooien. Ik zeg tegen hem dat de deur nu echt niet mooi is, en dat het zonde is van al het werk dat hij er in gestoken heeft. En dus dat ik vind dat hij de deur moet veranderen.

09.39 uur
De timmerman spreekt me tegen en trekt een pruillip. Hij gaat toch in vredesnaam hier niet midden op de stoep staan janken hè?

09.40 uur
De schilder staat ons een beetje uit te lachen. Hij wel.

09.45 uur
De timmerman wil niet meer naar me luisteren en ik luister al lang niet meer naar hem. Deze discussie gaat nergens heen, is nergens meer goed voor en haalt niets uit. Maar ik ga toch nog even door, het kan toch potverdomme niet zo zijn dat de timmerman voor mij beslist wat ik wel of niet mooi moet vinden?

09.55 uur
De timmerman kan het niet meer aan en zegt “we hebben het er zo wel over!” en loopt naar de logeerkamer om plinten te gaan maken.

10.30 uur
De schilder komt zeggen dat de timmerman net is weggereden. Dat heb ik snel voor elkaar gekregen al zeg ik het zelf! Hij is sneaky via de benedenuitgang gevlucht en ik vrees dat dit het laatste is dat we ooit van de timmerman gezien hebben.

10.50 uur
Manlief komt net terug van sporten en is op zijn zachtst gezegd not amused dat ik de timmerman heb weggejaagd. Er volgt een hele “ja maar” en “vraag het dan aan de schilder! Ik was echt heel beleefd!” en “ja vast, ik weet hoe beleefd jij kan zijn!” discussie en ik heb er geen zin meer in. Ik ga wel boodschappen doen, daar ben ik goed in en daar valt niemand me lastig!

11.20 uur
Wat is dit? Het is extreem druk bij Jumbo en ik moet gewoon in de rij staan! Een kassa verderop staat een meneer met een hele volle boodschappenkar en hij gilt “ik ben de vierde in de rij!”. Zijn caissière zegt “dat klopt, u krijgt alles gratis!” en de man wijst naar mij. “Jij bent ook de vierde!” Dat klopt, ik ben ook de vierde in de rij! Joehoe! Mijn caissière roept dat ik ook alles gratis krijg en ik doe stiekem een rondedansje. Wel een beetje jammer dat ik maar weinig boodschappen heb eigenlijk, had ik nu nog maar Ieniemienie gehad in plaats van een fiets, want dan had ik veel meer gekocht want dat paste dan allemaal in Ieniemienie en dan was het pas echt feest! Maar goed, in het kader van een “gegeven paard” ben ik toch gelukkig en stop blij mijn boodschapjes in de tas. Joehoe!

11.25 uur
Nu nog even zeuren bij de klantenservice, want de cola is verkeerd geprijsd. Al 2 weken en dus heb ik een hele stapel bonnetjes en wil ik mijn geld terug. De klantenservicedame heeft hetzelfde humeur en temperament als de timmerman, dus het gesprek begint al niet goed. “Je krijgt het sowieso maar van 1 fles terug en bovendien moeten we dat eerst uitzoeken. Die bonnetjes hoef ik niet!”. Ja, zo zijn we niet getrouwd natuurlijk, ik heb al geen best humeur en ik laat me echt niet afblaffen door wie dan ook! Ik wil mijn geld en ik zal het krijgen ook, al moet ik hier tot Sint Juttemis staan! Het gaat om het principe.

11.35 uur
Je moet er wat voor over hebben om je gelijk te krijgen, dus ik geef niet op en mekker door terwijl er zich achter mij een enorme rij vormt vol met mensen die sigaretten, kranten of roddelbladen willen kopen en hardop zuchten en steunen omdat ik de boel ophoud. Nou, het kan mij lekker toch niet schelen, ik wil mijn geld terug en wel nu meteen.

11.40 uur
Omdat er inmiddels al zeker 5 klanten zijn weggelopen, geeft de klantenservicemevrouw het maar op en ik krijg het geweldige bedrag retour van 2 euro en 5 cent. Tevreden loop ik naar buiten. Kijk, dat is mooi boodschappen doen, niets hoeven betalen en nog geld toe krijgen ook! Lang leve de Jumbo!

12.00 uur
Er is nog steeds niets vernomen van de verdwenen timmerman en manlief gaat naar een afspraak. Ik ga me alvast voorbereiden op D., die hier zo gezellig komt lunchen, heerlijk, even afleiding!

12.35 uur
Daar is D. en ik ben blij dat ze er is. Lekker gezellig, even kletsen en een broodje eten en dan daarna weer over tot de orde van de dag. D. gaat net lekker zitten als de telefoon gaat. Het is de aannemer.

12.40 uur
Tsja. De aannemer is ook niet zo blij dat de timmerman verdwenen is en vraagt wat nu eigenlijk het probleem is. Hij klinkt overspannen en ik probeer tactvol uit te leggen wat ik niet mooi en niet goed vind. We besluiten dat manlief het maar moet regelen met de timmerman, dat is het beste voor alle partijen. Mooi, daar ben ik vanaf! Eindelijk tijd om even lekker met D. te kletsen.

13.30 uur
D. is weer weg, het was kort maar gezellig en het heeft me goed gedaan. Ik besluit dat ik de stoffige chaos om me heen niet langer kan negeren, dus ik pak de stofzuiger en ga als een wezenloze tekeer.

16.15 uur
Pffff. Ik kan niet meer! Ik ben echt doodop. Ik haat schoonmaken en stofzuigen nog wel het allermeest en de afgelopen 2 uur heb ik me uitgesloofd alsof ik er duizend euro voor zou krijgen. Ik lijk wel gek. Ik ga mooi even niets doen, daar heb ik recht op.

18.00 uur
Ik schrik wakker van de telefoon. Ik was even op de bank gaan liggen en ben dus kennelijk als een blok in slaap gevallen door al die activiteit. Lui varken dat ik ben! Degene die belt is mijn tante die op vakantie is op Curaçao. Het is er prachtig zegt ze, maar verschrikkelijk heet en ze is misselijk en ze heeft hoofdpijn. Ik stel als volleerd tropenspecialist direct de diagnose ‘oververhit’ en ik zeg dat ze haar hoofd, handen en voeten moet koelen en veel water moet drinken. We kletsen nog wat verder en ik ben stikjaloers dat zij zo dicht bij mijn stekkie op Aruba zit terwijl ik hier tegen mijn zin in dit kikkerland zit.

18.10 uur
Ik zit achter de computer naar tickets te zoeken. Ik moet terug naar Aruba, of manlief nou meegaat of niet, ik trek het niet langer. Ik heb zon, zee en strand nodig en graag een beetje snel! Ik bel manlief op om dit mee te delen en gelukkig is hij het met me eens. "Ga maar zoeken en boeken" is zijn reactie, yes yes yes!

18.30 uur
Er ligt een mooi lijstje klaar voor manlief met verschillende data en prijzen, nu hoeven we alleen nog te wachten op stiefdochterlief. Ze wil ook naar Aruba komen deze zomer en zodra zij haar vakantiedata doorgeeft, kan ik gaan boeken. Fijn hoor, het vooruitzicht alleen al weer daar te zijn maakt me zo blij als een klein kind.

19.30 uur
Manlief eet niet thuis, dus ik maak 2 wraps met kip en verorber die terwijl ik achter de computer zit. En dan ineens doet de email het niet meer. Iets met poort 25 zegt het kreng en paniek maakt zich van mij meester. Over het algemeen krijg ik de computerproblemen zelf wel opgelost, maar zodra het om enge dingen als poorten gaat, slaat de paniek toe. Als een wilde surf ik naar google, toetst mijn foutcode in en krijg als resultaat allemaal enge pagina’s met ingewikkelde handelingen die ik moet uitvoeren. Ik probeer de helpdesk van KPN te bellen, maar daar krijg ik een mechanische vrouwenstem die me zegt dat het erg druk is en dat ik later terug moet bellen. Grumph!

19.45 uur
Ik sms computermeester E. en vraag om hulp. Hij smst terug dat hij me zo zal bellen en ondertussen blijf ik google-en en speur ik de hele website van KPN af op zoek naar wat mogelijk het probleem kan zijn.

20.10 uur
E. belt op en vraagt wat de foutcode is. Ik druk op “verzenden/ontvangen” om de foutcode in beeld te krijgen en: alles doet het weer! Het is al eerder bewezen, E. heeft magische krachten. Hij hoeft alleen maar op te bellen en dan lossen de computerproblemen zich vanzelf op, het is fantastisch!

20.30 uur
Ik zit in pyjama met thee, koekjes en lekker dekentje voor de buis, Dr. Who begint en daarna Torchwood, ik ben een gelukkig mens en met weinig tevreden, dat is wel weer duidelijk.

21.15 uur
Precies als Torchwood net begonnen is, smst E. of ik zin heb om nog mee te gaan naar de Luxury Fair in de Doen in Scheveningen. Tuurlijk heb ik dat! Torchwood wordt toch nog 100 keer herhaald en iets dat begint met “luxury” mag ik natuurlijk niet missen! Ik sms terug dat ik over een kwartier ready steady ben en vlieg naar de badkamer voor de nodige restauratiewerkzaamheden.

21.35 uur
E. smst dat de dresscode tenue de ville is en dat is mooi kut, want nu moet ik me weer verkleden en ik heb geen tenue de ville, want ik heb geen leuke kleren en ik ben veel te wit en mijn haar zit stom en ik heb ook geen normale schoenen en ga zo maar door.. Stress stress stress.

21.55 uur
E. belt op dat hij er over 2 minuten is. Dat is ook mooi kut, want inmiddels heb ik dan wel iets aangetrokken dat voor tenue de ville door kan gaan, maar ik moet ook nog 1 laag mascara doen en mijn nagels nog lakken en een bijpassende panty zoeken. En waar zijn mijn bij de jurk passende paarse schoenen?? Waarom krijgen andere mensen het in vredesnaam altijd wel voor elkaar binnen 15 minuten van pyjama naar stralend te gaan en ik niet?? Jeeeeezzzzzus!

22.00 uur
Ja, daar is E. dus en hij heeft mooi pech, want hij moet maar even wachten. Ik zeg dat zijn pak gekreukeld is, hij zegt dat mijn tas niet zo goed bij mijn jurk past, maar ja, het moet maar en zo kwekken we nog wat door terwijl ik druk in de weer ben met mascara op mijn nagels te smeren en nagellak op mijn handen te krijgen.

22.15 uur
Het mag een godswonder heten, we zitten in de auto en ik zie er redelijk uit. Ik heb mijn paarse schoenen gevonden, maar mijn haar zit nog steeds stom, de panty past niet helemaal bij de jurk en mijn armen zijn akelig wit, maar we hebben er zin in en dus mag de imperfectie de pret niet drukken!

22.30 uur
We zijn binnen op de Luxury Fair. Er loopt een rare mix van mensen tussen asociaal en normaal rijk en overal staan stands met dure, luxe artikelen. Eigenlijk is er geen bal aan, maar dat gaan we nu nog niet toegeven natuurlijk.

22.40 uur
Het blijkt dat je iedere consumptie moet betalen (wat nou luxury?) en dus kopen we bonnen. Om onszelf te trakteren nemen we champagne en gelijk moeten we weer nieuwe bonnen kopen, want champagne kost 5 bonnen per glas en we hadden maar 10 bonnen, dus kassa voor de Luxury Fair.

22.50 uur
We staan in de rookruimte en naast ons staat een enorme man met een geïmporteerde gezelschapsdame. Deze man is echt heel erg groot, een soort reus en hij heeft iets dreigends over zich. Ik neem me voor snel mijn sigaret op te roken en dan weg te wezen hier, deze man maakt me nerveus en het bevalt me niets.

22.52 uur
Tuurlijk ben ik met mijn hak blijven haken in een spleet in de vloer en tuurlijk gooide ik toen mijn champagne over die grote man heen en tuurlijk ging hij beleefd lachen, maar hij vond het niet leuk. En dat hij het niet leuk vond, blijkt wel uit de opmerking “beetje oppassen hè? Ik houd niet van een nat pak!”. Ik weet me niet zo goed raad, zeg 100 keer sorry en probeer me uit de voeten te maken. En dus blijft mijn andere hak hangen en val ik zo met mijn sigaret tegen de grote man aan. God, Jezus, Christemezielen, wat mankeert me?? “Hé, ben je nou klaar??!! Ik heb er al meer voor minder omgelegd! Tis maar dat je het weet!”. Heeeeeeelp! E. grinnikt, pakt mijn arm en voert me weg naar veiliger oorden. Levensgevaarlijk, die rijkelui van tegenwoordig.

23.30 uur
E. is in gesprek met een potentiële klant en ik sta er een beetje voor spek en bonen bij, dus na een grondige check op grote enge mannen in de rookruimte, besluit ik dat het veilig is me daar weer te vertonen.

23.32 uur
Onderweg naar de rookruimte word ik aangesproken door een sjofele, rossige man die me wat te drinken aan wil bieden. Ik weiger beleefd, wil doorlopen, maar hij weet van geen ophouden en dus geef ik uiteindelijk maar toe.

23.40 uur
De man heet Sier en ik zeg dat ik nog een Sier ken en dat dat degene is bij wie ik altijd mijn kerstboom koop. Die Sier woont in een woonwagen en heeft 2 gouden voortanden. Waarmee ik niet direct wil zeggen dat deze Sier hier nou ook foute bingo is, maar dat is hij natuurlijk wel. Vooral omdat hij wordt geflankeerd door een stoffig mannetje met een doorrookt gezicht met rooddoorlopen ogen. Ik kan me zomaar voorstellen dat dat zo’n problemenoplosser is die je altijd in mafia-films ziet en ik voel me niet meer zo op mijn gemak. Ik bedank voor de wijn en zeg dat ik nu echt ga roken en zet mijn weg voort richting de veilige rookruimte.

23.45 uur
Ja. Nou was het hier een kwartier geleden wel veilig wat enge, grote mannen betrof maar nu natuurlijk niet meer. Daar staat de grote enge man. Hij lacht naar me en zegt “uit mijn buurt blijven hè!” en dus doe ik dat braaf, ik ga op 15 meter afstand staan. Dan komt ook het stoffige vriendje van Sier aangelopen en die zegt dat het toch allemaal niet normaal is wat hier op de “Fair” te koop is. Ik zeg dat normaal een relatief begrip is. Want ja, wat Jort Kelder normaal vindt, is niet wat de Tokkies normaal vinden, dus het is maar net hoe je het bekijkt. Dat vindt het stoffige mannetje wel interessant. “Jeetje” zegt ‘ie, “dat is slim! Daar ga ik eens over nadenken!”. Allemachtig! Waar ben ik terechtgekomen???

23.47 uur
Nu loopt er een dikke Arabisch uitziende man voorbij. Hij kijkt naar me, lacht naar me en grijpt mijn arm. “Je moet me bellen, hier is mijn kaartje. Je moet me bellen!”. Ik zeg om te beginnen eerst maar eens “hallo” en vraag vervolgens of ik hem ergens van moet kennen. Het antwoord luidt: “nee, je kent me nog niet, maar je moet me bellen want ik zie dat je me wil!”. Pardon?? Ik begin te lachen en zeg “uhuh” en krijg als antwoord weer “jaha, ik zie dat je me wil! Ik zie het! Bel me!” en vervolgens loopt hij samen met zijn vriendin (die het hele gesprek aandachtig volgt en gek genoeg lief naar me lacht, dat kan niets goeds betekenen) de deur uit. Laat 1 ding heel duidelijk zijn: als ik al iets wil, dan is het hier weg, maar zeker niet met een rare Arabier, een grote enge man of een stoffig mannetje! Het is hier duidelijk foute bingo! Ik vlucht direct terug naar E. en vraag wat hem in vredesnaam bezielt om mij alleen te laten rondlopen hier.

00.30 uur
E. wijkt geen moment meer van mijn zijde. Ik wel van de zijne, want in mijn ooghoek zie ik een niet geheel onaantrekkelijk mansfiguur die net als ik paarse schoenen draagt. Ik ruk mij los uit de klauwen van E. en zet koers richting de paarse schoenen man, die M. blijkt te heten, een prachtig mooi pak aanheeft en aan zijn vriend vraagt om onze schoenen samen te fotograferen. Het hele paarse schoenen avontuur is van korte duur, want E. komt mij halen om te vertrekken. Jammer, het had zo mooi kunnen zijn, maar nu blijft het bij een paarse schoenen foto die ik nooit zal zien. Snik.

00.45 uur
Ik vraag nog of we echt weg moeten, maar E. is onverbiddelijk en zegt dat de Luxury Fair voor mij gevaarlijk is vanwege alle rare mannen. Bij de uitgang krijg ik nog een goodiebag met alleen maar folders en een tube handcrème erin, ze hadden dit beter de Poverty Fair kunnen noemen zeg, stelletje gierigaards! E. troont me mee en binnen 5 minuten zit ik sipjes in de auto, het werd net leuk! E. zegt dat ik dronken ben en dat het helemaal niet leuk was, maar dat hij het wel heel gezellig vond dat ik mee was, maar ook dat ik niet meer naar een Luxury Fair mag wegens rare mannen.

01.10 uur
E. en ik zitten in een shoarmatent als 2 dronken pubers ieder een broodje shoarma weg te werken. Zo gek veel hebben we niet gedronken, maar we hebben er goed last van en dan is shoarma nu eenmaal het beste medicijn. Het is heerlijk, want dat is shoarma altijd als je een beetje of heel dronken bent.

01.30 uur
E. zet me thuis af en ik maak direct manlief wakker om hem te vertellen wat voor rare mannen ik allemaal heb ontmoet. Manlief vraagt of ik alsjeblieft de andere kant op wil praten omdat ik niet zo lekker ruik en of het verhaal ook tot morgen kan wachten. Grumph! Nou ja, dan maar morgen, ik voel me eigenlijk toch niet zo lekker. Ik draai me om, kruip met mijn rug tegen manlief aan en val als een blok in slaap. Het was maar een rare dag.

donderdag 11 februari 2010

"STUPID WONAN"


04.21 uur
Mijn telefoon gaat. Midden in de nacht gaat mijn telefoon en op de display staat “onbekend”. Voor de goede orde: nadat ik eerder vanavond al bijna was gestorven en nu eindelijk in diepe slaap verzonken was, blijkt dat ik mijn telefoon niet uitgezet heb toen manlief eenmaal thuis was. En dus zitten we nu allebei rechtop in bed van de schrik. Manlief en ik kunnen in dit soort situaties niet helder denken, dus ik zeg “god, er is vast iemand dood!” en manlief zegt “jeezus, brand op de zaak!”. Ik neem op, zeg mijn naam en aan de andere kant van de lijn heerst doodse stilte. Ik hang na drie keer “hallo?” zeggen maar weer op en direct gaat weer de telefoon. Weer “onbekend”. Manlief zegt dat ze me misschien niet hebben gehoord de eerste keer, dus ik neem maar weer op. Weer niets. Krijg de hik en het heen en weer! Ik kan mijn nachtrust goed gebruiken, zeker na vanavond, dus ik zet boos mijn telefoon op stil, leg het kreng op zijn kop en we zetten de tv aan.

04.27 uur
Omdat we glazen nachttafeltjes hebben, heeft je telefoon op zijn kop leggen dus niet zoveel zin. De hele kamer wordt verlicht door helderblauwe lichtflitsen ten teken dat iemand mij weer aan het bellen is. Ik kijk wie er nu belt en tot mijn grote schrik staat daar niet meer “onbekend” in het display, maar “H.”, de aannemer! Nu wil het nog wel eens gebeuren dat mensen mij per ongeluk op de raarste tijdstippen bellen of smsen, omdat mijn naam nu simpelweg met een A begint en veel mensen vergeten het toetsenbord van hun telefoon te vergrendelen. Zit dat kreng dan in hun zak bijvoorbeeld, dan bellen ze ongemerkt mij. Manlief en ik besluiten dat dat ook hier aan de hand moet zijn en trekken ons er verder niets van aan.

04.38 uur
Een sms! Van H., de aannemer. Oké, das op zijn minst raar. Wat zou er zijn? Ik open het bericht: “hello lieverd”. Pardon? Hello lieverd? Manlief zegt gelijk “nou das lekker dan. Die is dus verliefd op je. Fijn hoor, moeten we dus een andere aannemer. Alsof het allemaal nog niet ellendig genoeg was!”. Oh ja, nou is het ineens mijn schuld?! Als H. al verliefd op me is, dan kan ik daar toch zeker niets aan doen? We kibbelen wat verder en terwijl we dat doen word ik gebeld door H., maar ik neem natuurlijk mooi niet op!

04.47 uur
Drie oproepen verder komt de volgende sms binnen: “Hello i be girl end h. take fone please”. Oké, dit moet niet veel gekker worden natuurlijk. I be girl? Wat is dit in vredesnaam? En waar komen al die rare spaties vandaan tussen de woorden? Manlief lijkt direct te weten wat er aan de hand is. Hij zegt dat het natuurlijk de vrouw van H. moet zijn, die vast buitenlandse is omdat H. altijd naar de Filippijnen op vakantie gaat, dat ze natuurlijk ruzie hebben gehad, zij in zijn telefoon heeft gekeken en nu denkt dat ik, omdat ik in de telefoon van H. sta geprogrammeerd, zijn geheime vriendin ben. Nou, daar ben ik lekker mee dan. Ondertussen staat mijn telefoon roodgloeiend, de mysterieuze “i be girl” weet niet van ophouden. Maar ik neem mooi niet meer op, ha!

04.52 uur
Aha, weer een sms van H.. Dit keer in hoofdletters en weer met die rare spaties ertussen: “YOU FOCK MI BOY FRIEND NOUW YOU SCER TALK TOGETHAR STUPID WONAN!”. Stupid woNan?!? Oké, dit wordt nu echt vervelend. Manlief zegt dat we morgenochtend, nadat ik de huisarts heb gebeld, direct H. moeten bellen en moeten ingrijpen. Ondertussen blijft mijn telefoon mysterieus rustig, er komen geen oproepen meer. Oh God, ze zou toch niet weten waar we wonen en onderweg zijn om mij ritueel te verbranden ofzo?

04.59 uur
Ah gelukkig, weer een sms, dan is ze vast niet onderweg! Deze tekst is duidelijk bestemd om mij nieuwsgierig te maken zodat ik ga bellen: “Hay angela”. Ja ha, alsof ik daar intrap! Ik ben malle Pietje niet! Manlief besluit dat het genoeg is geweest en we zetten mijn telefoon uit, smijten het kreng de gang op en al roddelend en stiekem grinnikend gaat het licht uit en vallen we eindelijk weer in slaap.

08.00 uur
Dodelijk vermoeid worden we wakker van de wekker. Terwijl manlief gaat douchen, bel ik de huisarts.

08.05 uur
Dankuwel God, Boeddha, Allah of wie dan ook! Ik ga niet dood, tenminste, nu nog niet! Wat ik heb gehad volgens de huisarts was geen hartinfarct, geen longembolie, geen acute slokdarmaandoening, maar gewoon een simpele, ordinaire hyperventilatie-aanval! Volgende keer in een plastic tas ademhalen en ontspannen is het devies. Het is waarschijnlijk gekomen door die enorme berg stress waarmee ik mezelf de afgelopen weken heb opgezadeld en de ongelukkige staat waarin ik verkeer. Gewoon mijn vertrouwde bubbels eigenlijk, maar dan duizend keer zo erg. “Fijne dag nog en ontspannen hè?!” zegt de dokter en opgelucht hang ik op.

08.10 uur
Manlief is ook opgelucht, maar is ook geschrokken. Hij kijkt zorgelijk en bedenkelijk en kondigt aan dat hij hier vanmiddag even over wil “praten”. Oh jeezus, “praten”! Ik haat “praten”! Het is een angst die ik heb overgehouden uit mijn jeugd. Als mijn moeder even wilde “praten”, dan volgde er onherroepelijk een enorme ruzie, al dan niet met een paar klappen erbij. Sindsdien, als iemand even wil “praten” denk ik dat de wereld vergaat, of dat ik iets verschrikkelijks heb gedaan zonder dat ik het wist en dat het nooit meer goed komt. “Praten” heeft namelijk niets te maken met praten zónder aanhalingstekens. “Praten” staat zonder meer garant voor een portie doffe ellende! Simpele gesprekken zoals functioneringsgesprekken bijvoorbeeld zijn aan mij ook niet besteed, ik zit dan als een bange angsthaas naar mijn gesprekspartner te staren en ondertussen te hopen dat het snel voorbij is. Feitelijk hoor ik dus eigenlijk nooit wat als je even met mij wilt “praten”, want ik ben dan zo bang dat ik toch niet luister. Nu, na deze aankondiging door manlief, slaat de schrik me echt om het hart. Oh, dit is afschuwelijk! “Praten”!

09.00 uur
Manlief vertrekt om te gaan sporten, zich kennelijk van geen kwaad bewust, want hij doet heel vrolijk, kust me en wenst me veel succes met het gesprek met H.. Ik trap hier natuurlijk niet in, deze truc ken ik ook al lang. Net doen of er niets aan de hand is na zo’n aankondiging zodat ik me van geen kwaad bewust ben en dan vanmiddag natuurlijk de beuk er in. Let maar op mijn woorden, dat “praten” vanmiddag wordt dramatisch!

09.25 uur
Inmiddels is H. gearriveerd. Ik zeg dat ik even met hem wil “praten”. Ik lach erbij en vraag of hij zo een kopje koffie komt doen dan, zodat we dus even kunnen “praten”. Ik heb de kunst van het inleiden van zo’n “gesprek” goed afgekeken vroeger, H. loopt als een rat in de val. Binnen een minuut staat hij in de woonkamer.

09.30 uur
Ja, nee, uh, het was zijn ex. Ze komt uit Portugal. En het is al 4 maanden uit. En hij had zijn telefoon daar laten liggen. En toen heeft ze iedere vrouw uit zijn contacten gebeld en gesmst vannacht. En hij schaamt zich kapot. En hij is niet verliefd op mij. En hij wil nooit meer een relatie. En sorry. Hmmm. Ik vind het maar een raar verhaal. Als het al 4 maanden uit is, wat deed hij daar dan? En Portugees? Die tekst zag er eerder Thais of Filippijns uit. Nou ja, hoe het ook zij, H. wil nooit meer mijn nummer opslaan, hij belt manlief wel als er wat is en nog een keer sorry. En 5 minuten later is hij met de noorderzon vertrokken voor vandaag.

10.00 uur
Ik sta te kletsen met P., de werkman die de voegen uit de gevel moet slijpen. Hij is niet heel slim, wel aardig, maar vooral errug lelijk. Zo lelijk dat ik er geen genoeg van krijg naar hem te kijken. Iedere keer ontdek ik weer iets dat nog lelijker is dan het vorige dat ik had ontdekt, het is echt een genoegen om naar te kijken, deze man! Totdat P. de net door mij aangeschafte, peperdure, spaarlamp met schemerschakelaar uit zijn klauwen laat vallen op de stoep. Ik ben echt boos, maar ja, het is maar een lamp en mijn oma zei altijd “er zijn langer …. (in te vullen naar keuze) dan dat wij er zijn” dus ik laat het maar. Ik noem hem wel zogenaamd grappig nog even lampenlul en vertrek naar binnen. Ik moet me zo langzamerhand voor gaan bereiden op het “praten” vanmiddag.

13.00 uur
De afgelopen drie uur heb ik doelloos in de rondte geslenterd, heb ik toch 5 sigaretten gerookt (sorry God, maar ik zal echt stoppen, alleen nu gaat dat even niet want ik moet straks “praten”) en heb ik dus niets uitgevoerd. En nu staat P. de lampenlul in de kamer om te vragen of er beneden water in de hal staat. Ik ga kijken en ja hoor, er golven liters oranje water onder de deur door. Christemezielen, houdt het dan nooit op? Ik ren via de andere deur naar buiten en zie daar P. en zijn maatje staan, die me vertellen dat het putje buiten niet meer doorloopt (vandaar die liters water die onder de deur doorstromen) en dat ze er nog wel 3 x de hogedrukspuit ingezet hebben, maar dat het alleen maar erger wordt. Kut met peren! Ik bel via P.’s telefoon met H. (ik ben natuurlijk niet gek, ik gebruik mooi mijn eigen nummer niet meer) en H. zegt dat ik een rioleringsbedrijf moet bellen en dat de werkzaamheden dan nu stil liggen voor vandaag.

13.30 uur
Zo gezegd, zo gedaan. Ik heb rioolbedrijf Zegwaard gebeld voor het putje, er komt vanmiddag nog iemand langs en geen paniek zei de Zegwaard-man. Geen paniek? Geen paniek? Weet deze man wel wat voor enorme stress ik hier beleef? Toegegeven, vergeleken met een vluchteling in Sudan heb ik het helemaal niet zwaar, maar ik beleef hier toch echt mijn eigen drama op de vierkante meter. Triestig, ongerust en gek van de stress drentel ik door de keuken.

14.00 uur
En ik drentel door de woonkamer en de slaapkamer.

14.30 uur
En ik drentel vrolijk verder. Logeerkamer, washok, rommelhok, badkamer.

15.10 uur
Shit! Daar is manlief! Oh neeeeee!

15.30 uur
Hij begint er maar niet over. Nou, dan ik maar want ik hou dit geen seconde langer meer vol. “Uh lief, je wilde nog ergens over “praten” toch?”. “Oh ja, helemaal vergeten!” zegt hij blij. Ik graaf me emotioneel in en bereid me voor op het allerergste, want dat is natuurlijk wat komen gaat, dat kan niet anders.

16.45 uur
Yeah! Joepie! Hoera! Yes yes yes! Joehoe! Tralalie tralala! Manlief heeft een nieuw plan ontwikkeld! Nu ik officieel bijna ten ondergegaan was aan de stress, heeft manlief bedacht dat we het huis niet zullen verkopen, maar dan moet ik wel weer gaan werken. Dat scheelt dan in de financiële lasten en dan is er niets meer aan de hand! Werken? Tuurlijk ga ik werken! Ik neem desnoods drie banen als het moet, maar werken zal ik! Dan wordt dit gewoon het blog van “een willekeurige dag uit het leven een voormalig werkloze”! Geen enkel probleem! Manlief is stomverbaasd, want ik haat werken, dat weet hij nog beter dan ik, dus deze reactie van mijn kant had hij niet verwacht. Maar ja, een deal is een deal en eindelijk, eindelijk voel ik dan de stress echt uit mijn lijf zakken. Ik ben acuut hondsmoe, maar wat ben ik blij! Ik heb nog nooit zo fijn “gepraat” en ik geef manlief duizend dikke zoenen.

17.00 uur
Manlief had een eetafspraak en gaat er dus weer vandoor en ik verwelkom ondertussen de man van Zegwaard die naar de put komt kijken. De beste man begrijpt niets van mijn opperbeste stemming, nu mijn hal volstaat met oranje water, de put vol zit met een soort drabbige klei en het echt een rotzooi van jewelste is. Maar ik blijf blij, niets krijgt mij er nog onder!

17.30 uur
De rioolman, die R. heet, ligt met een lange haak languit in de drek in de put te vissen. Hij krijgt er geen enkele beweging in, er loopt geen water weg en het lijkt wel of er drijfzand in de put ligt. Dat is het overigens niet, het blijkt zand en water te zijn waarmee P. de lampenlul de gevel heeft gestraald. Hij had natuurlijk het putje moeten afdekken toen hij dat ging doen, maar dat is hij vergeten en dus staat daarom nu alles onder water. R. vindt dit slecht nieuws, maar ik niet, want nu kan ik de rekening naar H. de aannemer sturen en dus is dat hartstikke goed nieuws! Nu alleen die put nog even ontstoppen dus.

19.45 uur
R. heeft het opgegeven. Hij heeft met al zijn collega’s gebeld, hij heeft alles geprobeerd maar hij krijgt de put niet ontstopt. Dus heeft hij heel lief het water weggezogen met een waterzuiger en besluiten we de boel de boel te laten tot morgen. Dan komen zijn collega’s langs die het vast wel kunnen oplossen. Ik stem in, morgen weer een dag, het is mooi geweest voor vandaag.

20.00 uur
Compleet uitgeput maar blij als een klein kind lig ik languit op bed. Het waren enerverende uren, de afgelopen 24 uur. Eerst bijna gestikt, toen uitgemaakt voor stupid wonan, toen grote opluchting gevolgd door dikke stress, en vervolgens weer grote opluchting. Ik ben uitgeteld, of zoals lieve J. zou zeggen: ik ben “klaaroverkonijn”. Ik sms manlief met de laatste stand van put-zaken en schrijf dat ik alvast naar bed ga. Hij smst terug dat hij niet laat is vanavond en dat ik alvast lekker moet gaan slapen om me voor te bereiden op een werkend leven. Hij sluit af met “kus voor mijn stupid wonan” en met een glimlach op mijn gezicht zak ik eindelijk weg in mijn welverdiende, langverwachte, heerlijk diepe slaap.

woensdag 10 februari 2010

"STRESS EN PANIEK"


02.33 uur
Ja hoor, het is weer zo ver. Het is godgloeiende half drie ’s nachts en ik ben klaarwakker. Ik verkeer nu al precies 8 weken in een dip en sinds een week of wat wordt die feestvreugde ook nog verhoogd door midden in de nacht wakker worden. Wat ik ook doe, lavendel op mijn kussen, “slaap-zacht-tabletjes”, warme drab drinken voor het slapen gaan, het mag allemaal niet baten. De nachtrust zoals ik die ooit kende, is met de noorderzon vertrokken en god mag weten hoe lang dat gaat duren. Ik zet de tv aan, zonder geluid, maar toch wordt manlief wakker. Hij maakt een grumph-geluid, gromt iets in de trant van “jeeeezus! Das toch niet normaal! Tis iedere nacht prijs!”, draait zich en valt weer als een blok in slaap. God, wat ben ik jaloers!

04.00 uur
Ik kan maar niet stoppen met denken. Duizenden gedachten passeren de revue en het liefst met z’n tienen tegelijk. Ik zap naar Animal Planet en daar begint een documentaire over Siamang aapjes. Het heet “Raising Baby Iwani” en gaat over een aapjestweeling. Ik bedenk me dat dat me vast afleidt, ik schud mijn kussen op en ga er eens goed voor liggen.

04.30 uur
Tranen met tuiten! Niet te stoppen! Boehoe, snik, ach en wee! De helft van de aapjestweeling is doodgegaan. Dat zat er natuurlijk in. Ik had het van tevoren kunnen weten. In ieder programma van Animal Planet gaat het leukste beestje dood. Altijd. Anders is het namelijk geen drama en denderen de kijkcijfers naar beneden. Omdat ik niet meer helder kan nadenken na weken van onderbroken nachtrust, vind ik het overleden aapje ineens heel erg op wijlen mijn liefste poezenbeest lijken en dus maak ik manlief wakker.

04.40 uur
Manlief vond mijn wakker-maak-actie op zijn zachtst gezegd niet zo leuk. Ik mag geen Animal Planet meer kijken en ik lig dus nu verplicht naar een of ander stom autoprogramma op Discovery te kijken.

06.00 uur
Ja, nu is er dus behalve “Dora” de tekenfilm en Tell Sell reclames niets meer te zien. En de dvd-recorder is weg voor reparatie en dus word ik gek. En bovendien ben ik heus dat dooie aapje nog niet vergeten als iemand dat soms dacht!

06.10 uur
Als ik nu in slaap val, dan kan ik nog bijna anderhalf uur slapen tot de wekker gaat!

06.11 uur
Ach dat arme aapje. Zoooo zielig! Snik.. En het begint ook al licht te worden, arghhh!

06.40 uur
Krijg de hik en het heen en weer, ik ben hier zooooo klaar mee, ik wil slapen! En ik wil ook geen bubbels meer. Bubbels noem ik mijn ademhalingsstoornissen die ik al jaar heb. Ik bubbel me een ongeluk. Eerst dacht ik dat mijn hart steeds oversloeg, maar dat bleek niet zo te zijn, volgens de huisarts is het mijn ademhaling en moet ik me meer ontspannen. Nou, dat hele stomme ontspannen zou anders een stuk makkelijker gaan als ik kon slapen! Bubbeldebubbel!

06.45 uur
Yeah! Jan de Hoop op RTL 4 met het journaal! Afleiding! Eindelijk! Zachtjes zet ik het geluid van de tv aan, manlief merkt niets en Jan de Hoop doet waarvoor RTL hem in dienst heeft: hij leidt me af met flauwe grapjes en onbenullig nieuws.

07.00 uur
Nu het NOS-journaal. Even kijken of ze daar nog wat te melden hebben wat Jan me niet kon vertellen.

07.05 uur
Ik haat Laila Abid, ze stottert, struikelt over haar woorden en ze is nog saai ook. Stomme NOS. Ontsla dat mens toch een keer. Slaapverwekkend!

08.00 uur
Piep piep piep piep!!!!! Christemezielen, de wekker. Ben ik gvd eindelijk in slaap gevallen, gaat de wekker! Manlief springt uit bed en hij doet me denken aan die griezels uit de Wizzard of Oz “Can you feel a brand new day? Can you feel a brand new daaaaay?” met zijn uitgeruste, opgewekte gezicht. Bah. Hij huppelt als een jonge god richting badkamer en laat mij als een uitgebluste bejaarde achter in bed. Deze dag kan gewoon nooit wat worden.

08.30 uur
Manlief hupt vrolijk weer de slaapkamer in, zegt dat de aannemer over een half uur voor de deur staat en ik misschien even moet douchen. Dat zal vast helpen. Verder deelt hij nog mee dat hij nu gaat sporten en bla bla bla. En of ik even die en die een mail kan sturen bla bla bla. En of ik ook even zus en zo kan opzoeken bla bla bla. En of ik niet vergeet dat bla bla bla. Bla bla bla, bubbel de bubbel, alles gaat langs me heen. Ik sleur de restanten van wat ooit ik was naar de badkamer en stap onder de douche.

09.00 uur
Oké, het gaat iets beter gelukkig. Weliswaar kan mijn hoofd niet stoppen met denken, maar ik ben inmiddels aangekleed, heb mijn haar gefohnd, en ben halverwege mijn rechteroog met mijn mascara. Dan gaat de bel.

09.01 uur
Het is de aannemer. Hij komt de gevel doen aan de buitenkant van het huis en als hij daarmee klaar is, wordt de binnenkant aangepakt. En dit alles omdat manlief het huis wil verkopen. Ik niet. En daar komt alle onrust vandaan. En dus wil ik helemaal niet met de aannemer praten. Ik wil namelijk niet eens de deur opendoen, want als ik niet opendoe, kan hij niet verbouwen en als er niet verbouwd kan worden, dan kan het huis niet verkocht worden, simpel toch? Maar ja, ik ben een slappe zak en dus staat de aannemer, genaamd H., in het wildeweg tegen me aan te kletsen, terwijl ik 1 panda-oog en 1 “naakt” oog heb.

09.20 uur
H. is niet te stoppen. Hij ratelt maar door en ik sta nog steeds braaf met mijn mascara in mijn hand tegen de deurpost aangeleund zogenaamd te luisteren. Ratel de ratel, bla bla bla, “en dan moeten jullie even dit, en dan moet jij even dat, en als jullie dan zus en zo” en zo gaat het maar door.

09.35 uur
H. zegt dat ik misschien even lekker een kopje koffie moet nemen omdat ik maar blijf gapen en er volgens hem zo afwezig uitzie. En misschien moet ik ook even lekker douchen zegt ‘ie, even lekker wakker worden. Ik kom nota bene net uit de douche! Ik ben zogenaamd wakker! Ach, misschien is koffie geen slecht idee.

10.00 uur
Twee koffie verder heeft H. inmiddels alle ramen afgeplakt met groen plastic en lijkt de woonkamer wel een aquarium. “Blub, ik ben een vis, haha!” ratelt hij blij en vertrekt naar beneden om daar nog meer ramen af te plakken. Arme, arme ik. Ik zwelg in zelfmedelijden.

10.30 uur
C. belt. Ze vraagt of ik mee ga naar het strand, even lekker een kop koffie drinken op een terras. Nou, dat kan echt geen kwaad en bovendien hoef ik dan even niet te denken dus ik zeg ja.

11.00 uur
Het is heerlijk op het strand! De wind is koud, maar het zonnetje staat vol uit de hemel (voor de verandering vandaag eens even geen mist uit zee gelukkig!) en C. en ik kletsen, roddelen en genieten. Het doet me goed. C. vindt het minder leuk als ik haar van de plannen van manlief vertel en zij vindt mijn idee om mezelf aan de verwarming vast te ketenen zodat het huis niet verkocht kan worden een heel goed plan. Nu nog handboeien regelen.

12.45 uur
De tijd vliegt voorbij en ik ben iets vergeten. Vreselijk stom. Ik ben vergeten dat manlief en ik vandaag samen 18 zijn geworden. Een soort trouwdag dus of jubileum, hoe je het noemen wilt, noem je het, maar ik ben het vergeten. Manlief niet en hij belt me op om te vragen of we lekker gaan lunchen om het te vieren. We spreken thuis af en ik spring op mijn tweewieler en race naar huis.

13.00 uur
Oh oh oh oh oh oh… Wat schaam ik me! Al jaren gaat deze dag min of meer onopgemerkt voorbij, maar ieder jaar koop ik een cadeautje voor manlief, hij vindt dat dan vreselijk lief en schaamt zich dan dat hij niks heeft gekocht. Uitgerekend dit jaar, uitgerekend nu, nu ik het ben vergeten en het te druk heb met zwelgen in zelfmedelijden, uitgerekend nu komt manlief aan met een enorme bos bloemen, een cadeautje en het liefste kaartje in 18 jaar. Wat ben ik een enorm vervelend zeikerig rotwijf zeg, ik haat mezelf! Ik schiet weer in standje janken natuurlijk (als dit zo doorgaat, moet ik nog aan de Prozac) en manlief moet lachen. Lief, maar er is niks grappigs aan eigenlijk.

15.00 uur
Inmiddels zitten we al bijna 2 uur op een terras en hebben een heerlijk broodje gegeten. We proberen van het zonnetje te genieten en proberen ook heel lief te zijn, maar het gaat moeizaam want ik kan niet stoppen met denken over het huis. Manlief en ik staan wat het huis betreft lijnrecht tegenover elkaar en een compromis is nog lang niet in zicht. Manlief komt met de wildste plannen en met ieder plan krijg ik het benauwder. Bubbel de bubbel, laten we het in vredesnaam ergens anders over hebben want ik trek dit niet.

15.10 uur
Manlief geeft niet op. Hij probeert het rustig, hij probeert het vriendelijk, hij probeert het dwingend, maar wat hij ook probeert, ik geef ook niet op. Voor ieder argument heb ik een tegenargument en voor ieder woord een weerwoord. Het wordt er zo niet gezelliger op en we besluiten ons jubileum morgen verder te vieren. Dit gaat ‘m gewoon niet worden vandaag.

15.30 uur
We zijn weer thuis, met roodverbrande wangen die de door de discussies verhitte gezichten mooi verhullen. Manlief heeft nog een aantal afspraken staan die hij nog even wil doen en ik wil, heel verheffend, de Linda lezen.

16.00 uur
In de Linda lees ik iets over pubers die aan niet-zo-stiekeme seks doen op Fris-feestjes (Fris-feestjes! Welke geestelijk achtergeblevene heeft die naam bedacht? Noem het gewoon “Puber-Valley” of “Hormoon-Land”, maar “fris-feestje”?) en ik lees ook nog een reportage over een getrouwde vrouw die stiekem een minnaar heeft waar ze het mee doet op parkeerplaatsen. Er zijn een hoop dingen in deze wereld waar ik liever niets vanaf weet en deze twee dingen horen daar ook bij. Ik prijs me gelukkig dat ik geen kinderen heb en ook geen parkeerplaatsminnaar en besluit de Linda weg te leggen en tv te gaan kijken.

16.10 uur
De bel. H. komt aankondigen dat hij zo weggaat. Fijn. En hij vertelt ook dat hij morgen weer terug komt. Nog fijner. Verder stort hij nog een waslijst over me uit met vragen en opdrachten, maar ik zit in een mentale quarantaine, dus ik hoor hem lekker toch niet. Ik knik ja en schud nee en wens hem uiteindelijk een fijne avond en smijt de deur dicht. Rust, ik wil rust!

16.15 uur
Ik ga nu tv kijken, lekker ontspannen en heel relaxed aan doen. Vanavond ben ik alleen thuis en dus maak ik er een relax-avond van die ’s middags al begint. Kan mij het schelen, ik heb er recht op.

17.45 uur
Wat is dit? Ik ga dood! Godallemachtig! Een minuut geleden leek het er op of ik me verslikte, maar ik verslikte me niet. Dat is het rare. Ik moet vreselijk hoesten, ik kan bijna niet ademhalen en mijn gezicht wordt vuurrood. Ik probeer het hoesten te stoppen en normaal te ademen, maar het lukt gewoon niet en ik raak volledig in paniek.

17.50 uur
Wat is dit nou toch? Ik krijg nog steeds geen lucht en ben inmiddels onderweg naar buiten in elkaar gezakt in de gang omdat mijn benen heel zwaar zijn geworden. Ademen gaat steeds moeilijker en ik ben ook vreselijk duizelig. In gedachten beloof ik God dat als hij me laat leven, ik zal stoppen met roken. Echt!

17.55 uur
Ik heb me naar de bank gesleept en lig nu voor pampus. Ik ben aan het hijgen en piepen en iedere snak naar lucht doet echt pijn. Dit is het dan. Nu ga ik dood. Zo voelt dat dus. Niks rustige dood, gewoon complete paniek en doodsangst. Met het laatste beetje kracht stuur ik een sms naar manlief dat ik ontzettend veel van hem hou en gelijk daarna zak ik een beetje weg.

18.00 uur
Ik ben er weer. Ik kan weer een heel klein beetje ademhalen en de duizeligheid is veel minder. Kennelijk is het toch mijn tijd nog niet! Jippie! Ik mag blijven! Ik zal echt stoppen met roken (want beloofd is beloofd) en ik zal gaan sporten en ik zal heel gezond gaan eten, heus!

19.30 uur
In de laatste anderhalf uur ben ik aardig opgeknapt en heb ik gebeld met manlief en I. en mijn tante om ze te vertellen dat ze me bijna kwijt waren. Manlief is zich kapot geschrokken en wil dat ik alsnog naar het ziekenhuis ga. I. houdt het op verslikken en mijn tante zegt dat zij dat ook zo vaak heeft gehad. Ik vertrouw het niet, maar ga niet naar de EHBO en besluit morgen direct de huisarts te bellen.

19.45 uur
Volledig uitgeput lig ik op bed. Omdat ik nog steeds bang ben dat ik alsnog zal stikken zet ik de wekker voor over een uur. Als ik namelijk over een uur de wekker uit kan zetten, dan ben ik duidelijk niet dood, dus dat idee stelt me gerust.

21.00 uur
Aha! De wekker. Ik ben dus nog niet dood! God zij geprezen, de goden zij gedankt en hieperdepiep hoera. Ik stuur manlief een opgewekte sms en zeg dat het al veel beter gaat en verzet de wekker weer een uurtje.

0.15 uur
In de laatste drie uur ben ik dus drie keer wakker geworden door de wekker, ik leef nog steeds en manlief is lekker naast me gekropen. Hij is heel boos dat ik niet naar het ziekenhuis ben geweest en ik moet beloven dat ik morgenochtend direct de huisarts bel. Dat beloof ik plechtig en eindelijk vind ik de rust om gewoon in slaap te vallen. Het is nu echt tijd om te ontspannen, weg met de stress en paniek, zorgen voor morgen.

dinsdag 9 februari 2010

"SLECHT NAAR MIJN ZIN"


07.00
Ik word langzaam wakker van een heerlijke koffielucht en ben even helemaal kwijt waar ik ben, maar dan dringt de harde werkelijkheid tot me door. Ik zit opgevouwen in een vlucht van Martinair, onderweg van Aruba naar Amsterdam. Met ongezonde tegenzin. Dat dan wel. Laat ik voorop stellen dat ik helemaal niet weg wilde van mijn eiland, ik zat daar prima. Na 3,5 maand was ik bijna geïntegreerd en ik zag er ook al aardig Arubaans uit. Maar manlief had zaken te doen in het koude kille Nederland en weer alleen achterblijven was geen optie, dus ben ik gezwicht. En nu zit ik hier dus, op een veel te dure enkele reis naar Amsterdam (want retourtjes, die waren er niet: “nee mevrouw, die zijn uitverkocht, want het is hoogseizoen! Het is 1000 euro per persoon voor deze enkele reis of niets!”) in een vliegtuig van Martinair, in de zogenaamde comfort class, met een irritante portable dvd-speler in het opbergzakje voor me waardoor de 10% extra beenruimte waar ik voor betaald heb direct opgeslokt is door dat kreng. Martinair vond het deze vlucht ook niet nodig de verlichting langer dan 2,5 uur uit te doen, dus ben ik een klein uurtje geleden pas in slaap gedommeld. Om me nu dus geconfronteerd te zien met het feit dat ik het ontbijt gemist heb. Al mijn gezeik over KLM, ik neem het bij deze voorgoed terug! Oh lieve KLM, oh lieve blauwe zwanen van ons koninkrijk, hef alsjeblieft die Aruba-vluchten niet op! Alsjeblieft! Als Martinair mijn voorland is, dan voorzie ik grote drama’s voor de toekomst! Ik grom en probeer de aandacht te trekken van een stewardess om alsnog een ontbijtje te kunnen krijgen, maar tevergeefs. Na mijn opmerking 3 uur geleden of het licht nog een keer uitging deze vlucht ben ik tot persona non grata verklaard en dus zal de bemanning alles in het werk stellen deze reis voor mij zo onaantrekkelijk mogelijk te maken. Grumph.

07.05 uur
Ik heb manlief ook wakker gemaakt met mijn gemor en behoorlijk chagrijnig trekt hij zijn oogmasker omhoog. “Ik heb dus helemaal niet geslapen hè! Kutvlucht zeg. Nooit meer Martinair!” chagrijnt hij en zoekt bevestiging bij mij. Maar helaas voor manlief heb ik ècht bijna niet geslapen en vraag aan hem of hij wel weet dat hij kwijlt als hij dus niet slaapt en dat ik het zo schattig vond dat hij helemaal niet reageerde toen ik dat kwijl steeds wegveegde. Ha! Door de mand gevallen! Er is er hier maar eentje die niet geslapen heeft en dat ben ik! Winnaarrrrrr van de Martinair-slapeloosheidstest: ik!

07.10 uur
Oké, dat viel dus niet in goeie aarde en ineens is het ook mijn schuld dat de vlucht zo duur was en dat de piloot een doorstart moest maken op Curaçao bij de tussenlanding en omdat ik vriendinnen ben met N. (werkneemster van de blauwe zwanen) is het nu ook ineens mijn schuld dat KLM de vluchten naar Aruba stopt per eind maart 2009. Zelfs de stewardessen krijgen nu medelijden met me met al dat gegrom in mijn richting en dus bieden ze me toch alsnog een ontbijtje aan. Manlief krijgt ook en zwijgend eten we het ijskoude broodje kaas met veel te veel boter op en drinken thee die naar koffie smaakt.

10.30 uur
God weet hoe laat we zijn geland (mijn horloge staat nog op Arubaanse tijd en ik ben niet van plan dat te veranderen tijdens mijn verblijf in Nederland), maar na de drugshond, het persoonlijk gesprek en het röntgenapparaat staan we nu dan toch eindelijk bij de laatste scanner bij de bagageband. De 100% controle is heftig, maar veel drugs vindt de douane niet. Onze vlucht is voor de bagageband samengevoegd met een vlucht vanuit Paramaribo en dus vindt de douane bij de laatste check wel een koffer vol roti in aluminiumfolie pakketjes (huh?) en een koffer vol met kousenband en aubergines (dubbel huh?). Terwijl mij het zweet uitbreekt ondanks dat ik niets te verbergen heb, wordt er ineens van alles geroepen en rent de marechaussee razendsnel bij ons weg. Manlief wordt nerveus en vermoedt een bomaanslag en dus grijpt hij de koffers uit de scanner en sleurt me mee de aankomsthal in. Daar wordt duidelijk wat er aan de hand is.

10.35 uur
Er is een vliegtuig neergestort. Net dus, 4 minuten geleden, toen ik de heerlijk geurende lucht van roti stond op te snuiven bij de scanner. Manlief gilt direct dat ik een terugkeer naar Aruba voorlopig wel op mijn buik kan schrijven, dat we voortaan overal met de boot naar toe gaan en of ik in vredesnaam op wil schieten, want hij wil hier weg.

10.50 uur
We zitten in de auto van J., een vriend van manlief, die ons is komen ophalen en we racen weg van Schiphol. Op de radio horen we allemaal paniekverhalen over een vliegtuig dat in drie stukken op de Polderbaan ligt en ondertussen sms ik I., D. en G. dat wij veilig zijn aangekomen en dat ik later wel even bel. Manlief ratelt nog steeds dat hij nu dus echt niet meer in een vliegtuig stapt, begint opnieuw over de doorstart op Curaçao en tot overmaat van ramp begint J. nog even over de Bijlmerramp. Fijn hoor, ga vooral zo door, dan zit ik voorlopig dus nog wel even vast in dit koude kutland.

11.00 uur
Er belt een vriend van manlief op die vraagt of het toestel in brand staat. Alsof je die rookwolken zou kunnen zien met al die Nederlandse rotbewolking! Christemezielen! Nog meer domme vragen? Inmiddels is wel duidelijk dat het om een vliegtuig van Turkish Airlines gaat en zoals dat nu eenmaal gaat, komen langzaamaan de flauwe grappen al binnen via de sms. J. lacht zich een breuk, A., de vrouw van J., ligt te slapen, manlief zit als een wezenloze uit het raam te kijken en ik, ik ben triest. Triest dat er een vliegtuig is neergestort en er waarschijnlijk mensen dood zijn, maar ook triest dat ik hier ben. Ik had het echt moeilijk met het vertrek en wil niks lievers dan direct weer terug.

11.40 uur
We zijn in onze straat aangekomen en manlief doet de voordeur open. Het eerste waar ik mee geconfronteerd word is het stoeltje van het poezenbeest en de tranen lopen over mijn wangen. Ik was al triest, maar het feit dat het poezenbeest op Aruba is doodgegaan na 2 maanden ziek zijn, valt me nog steeds zwaar en helpt niet mee. Zeker nu ik al haar spulletjes hier zie. Als mijn tranen opgedroogd zijn, kan ik eigenlijk wel direct weer janken, want het huis vertoont duidelijke sporen van bewoning door “man alleen”. Manlief is hier in december en januari enkele tijd alleen geweest en dat is te zien. Het is een zooitje, hartstikke vies en onopgeruimd. In de keuken staan alle pannen die ik bezit op het fornuis (ondanks mijn kookhaat bezit ik toch een flink aantal pannen, want dat staat zo huiselijk), in de gootsteen zitten ondefinieerbare vlekken, het toilet is ronduit smerig en overal liggen papieren, lege verpakkingen en andere onopgeruimde dingen. Liefjes maak ik manlief er op attent dat het “hier een ENORME teringzooi is!!” maar manlief merkt op dat hij eigenlijk geen verschil ziet met normaal. Fijn. En bedankt. Steek die maar in je zak. Ik besluit maar op mijn gemakje eerst de keuken op orde te brengen.

12.45 uur
Onbegonnen werk! Wat moet een mens in vredesnaam met zoveel pannen? Ik neem me voor om, zodra ik geacclimatiseerd ben, minstens de helft van de inhoud van mijn keukenkastjes op Marktplaats te zetten. Belachelijk zeg. Zoveel zooi en ik kook nooit! Nu nog maar even doorzetten en gelijk de koelkast inventariseren zodat ik straks boodschappen kan gaan doen.

12.50 uur
Das duidelijk. Er is niets meer. Maar dan ook helemaal niets, zelfs niet een fles cola! Manlief had de afgelopen week al twee keer aangekondigd dat er niets in huis zou zijn, maar hier had ik niet op gerekend. Voor een normaal mens is dat geen probleem. Die maakt een boodschappenlijst en stapt in de auto en komt terug met 4 volle tassen met proviand. Maar ik ben natuurlijk geen normaal mens. Want terwijl wij in Aruba waren, heeft manlief mijn Ieniemienie onder mijn kont door verkocht en dus ben ik aangewezen op mijn ouwe trouwe, nauwelijks gebruikte maar toch volkomen afgeleefde, hallelujafiets. Want vervangend vervoer, dat heeft manlief dan niet geregeld en oh ja, by the way, hij heeft het geld van de verkoop eigenlijk ook nog niet gekregen! Er verschijnt een paddenstoelwolk boven mijn hoofd en ik besluit dan eerst maar te gaan douchen, om me voor te bereiden op de slachtende rit naar de supermarkt per fiets.

13.15 uur
Oké, das dan wel lekker. Ik heb heerlijk 20 minuten onder de douche gestaan. Die overigens ook heel vies was. Dus eigenlijk heb ik maar 5 minuten gedoucht en de rest van de tijd schoongemaakt. Maar goed, 20 minuten spetteren zonder me druk te maken over de prijs van water was best lekker, eerlijk is eerlijk.

13.30 uur
Van top tot teen ingesmeerd met de “tan extender” en met een berenwintervel aan sta ik weer in de keuken. Manlief heeft de post uitgezocht en een stapel zo hoog als een paar lieslaarzen bestemd voor mij klaargelegd. Stand na ruim een maand geen post doorgezonden te hebben gekregen: ik ben niet meer verzekerd tegen ziektekosten, mijn girorekening is opgeheven en iedereen wil geld anders sturen ze een deurwaarder. Niet zo handig geregeld dus met de post de laatste maand en er is dan ook acuut genoeg te doen.

15.30 uur
15 telefoontjes en 1000 excuses later ben ik weer verzekerd, wordt mijn girorekening pas over een week opgeheven en heb ik de deurwaarders de deur gewezen. Nu wordt het dan echt tijd voor de monster-boodschappenrit. Manlief zegt dat het allemaal heus wel mee zal vallen en belt zelf een taxi (hij wel!) om zijn dochterlief te gaan bezoeken. Ik pak 3 boodschappentassen, mijn lijstje en mezelf op en sleep me naar die ouwe rotfiets.

16.45 uur
Oké. Dat was ik dus even vergeten. De verschillen tussen Aruba en Nederland: hier word je gewoon doodgereden als je de weg oversteekt en stoppen mensen dus niet voor je; hier woont een bepaald volk dat naar je sist als je voorbij komt in plaats van dat men vriendelijk gedag zegt; hier is iedereen, maar dan ook echt iedereen, chagrijnig in plaats van happy! Kortom: ik ben iets meer dan een uur buiten in Nederland en ben er nu al helemaal klaar mee! Bovendien valt er met 3 boodschappentassen op je stuur niet te fietsen, zijn tramchauffeurs (en dan met name die van lijn 17) grote klootzakken want ze rijden gewoon door als je band vastzit in de rails, en dan natuurlijk niet te vergeten de chagrijnige, zich altijd te kort gedane voelende Nederlandse bejaarden! Het laatste stuk naar huis besluit ik namelijk uit zelfbehoud over de stoep te fietsen, maar daar komt mij alweer zo’n stuk chagrijn met rollator tegemoet. “Het is verboden om over de stoep te fietsen, asociaaaaaal!” roept het stuk chagrijn me toe en ik sis terug “ouwe heks!”. De toon is weer gezet. Alsof ik nooit weggeweest ben.

16.50 uur
Ik kom C. tegen met mijn kleine buurmeisje V. die een woedeaanval heeft en gillend door de straat rent “ik wil met de autoooooo! Ik wil met de autoooooo!”. Ik deel dat gevoel en eigenlijk wil ik gewoon samen met haar meerennen en blèren dat ik ook met de autooooo wil, maar dat staat natuurlijk raar als volwassene, dus in plaats daarvan wens ik C. veel succes met dit drama en ik ploeter door op mijn tweewieler.

18.00 uur
Volledig uitgeput zit ik op de bank en bedenk me dat ik op Aruba nu juist fijn de airco aan zou zetten, zou gaan douchen en dan straks lekker zou gaan eten. Ondertussen zou ik buiten nog even lekker relaxed een boekje lezen, wat plantjes water geven, het kolibri-wegrestaurant bijvullen en de aanloophond voeren. Maar hier in Nederland moet juist de verwarming hoger (ik heb het toch zo ongelooflijk koud!), douchen is niet speciaal of bijzonder en in eten heb ik geen trek. Buiten een boekje lezen kan niet, want het is min vier, de plantjes zijn bevroren, kolibries kijken wel beter uit dan zich hier te vertonen en van een aanloophond is al helemaal geen sprake. Kortom: ik lijd aan heimwee gevoed door zelfmedelijden en ik zwelg er in. Er is geen redden meer aan.

19.00 uur
Ik ben nog steeds niet aanspreekbaar en ben boos en verdrietig tegelijk. Ik ben boos op manlief omdat hij de spulletjes van het poezenbeest heeft laten staan, ik ben verdrietig omdat ik het poezenbeest en de zwerfpoezen en de aanloophond mis, ik ben boos omdat ik hier ben en niet daar en ik ben verdrietig omdat ik het gevoel heb dat ik niet daar hoor, maar ook niet meer hier. Ik ben dus eigenlijk labiel en dus zou ik gewoon moeten gaan slapen, maar om een jetlag te voorkomen vind ik dat ik kunstmatig wakker moet blijven tot 22.00 uur. Manlief deelt dat gevoel niet en duikt gewoon zijn mandje in. Na 10 minuten is hij in dromenland en ik ben stikjaloers.

20.00 uur
Ik doe een belrondje met mijn vriendinnen, maak wat boterhammen klaar en zet wat foto’s op internet. Ondertussen houd ik mezelf nog steeds kunstmatig wakker en daalt mijn humeur verder en verder naar een ultiem dieptepunt. Tijd om een lijstje te maken met dingen die ik ga doen waar ik blij van word. Met stip op nummer 1: afspreken met I. en wel direct morgenavond. Op nummer 2: bij de Indonees rijsttafel eten. Op nummer 3: Amore bezoeken om nieuwe haarcoupe te bespreken en cannoli te eten. Dan: afspreken met D., afspreken met S., afspreken met C. en haar nieuwe babietje bewonderen, afspreken met E. om te lunchen en verder afspreken met iedereen die wat wil afspreken.

20.45 uur
Mijn lijstje is af en ik ben blij. Ik voel me al weer wat beter en bovendien is er net een detective bij de KRO begonnen, dus ik lig languit op de bank voor de tv en geniet na maanden van oppervlakkig Amerikaans gelul eindelijk weer eens van de heerlijke Britse stiff upperlip.

23.00 uur
Ik schrik wakker van een reclameblok en bedenk dat ik nu wel naar bed mag. Het is toegestaan. Ik heb me zo goed en zo kwaad als dat ging door deze dag heengeworsteld, ik kan niet meer, het is goed, ik mag naar bed. Morgen is er weer een dag, waarop ik me weer kan afvragen wat ik hier doe, waarom ik in godsvredesnaam mee wilde naar NL en waarop ik stiekem op internet terugvluchten kan uitzoeken. Eerst maar eens slapen nu, wie weet wat morgen brengt…

maandag 8 februari 2010

"JAVA HONDEN PORTIE"


04.54 uur
Kaboem! Ik schrik wakker, schiet uit bed en sta binnen 10 seconden met zaklamp en klauwhamer in de woonkamer. We zijn nu al een tijdje nieuwe inwoners van One Happy Island en het is nu 2 weken na manliefs onverwachte tijdelijke terugkeer naar Nederland. Ik ben dus nu even tijdelijk de enige menselijke bewoner van ons huisje in de tropen. Overdag is er niet zoveel aan de hand, maar zodra het donker wordt, begint de ellende. Ik hoor vreemde geluiden, zie overal inbrekers en bespeur in het hele huis ongedierte dat mij ofwel wil aanvallen ofwel wil opeten. Meer smaken zijn er niet, that's it. Daarom heb ik mezelf een zaklamp van enorme afmetingen en een klauwhamer aangeschaft ter zelfverdediging. En nu, op dit tijdstip, ben ik er heilig van overtuigd dat dan toch het moment daar is dat de inbrekers zijn gekomen. Ik ben al klaar om te schreeuwen “neem de tv maar mee! Oh, en daar ligt mijn portemonnee! Doen jullie de deur achter je dicht als je alles hebt?”, maar dan zie ik het poezenbeest in een vechthouding voor de kattenbak staan. De oorzaak van de klap is snel duidelijk: de deksel van de kattenbak ligt op de grond. Het poezenbeest wilde kennelijk even een boodschap doen, toen bleek dat de bak reeds bezet was. Want daar, pontificaal tussen de kattenbakkorrels zit een trotse leguaan! En dat trekt poezenbeest natuurlijk niet, dus moest hemel en aarde bewogen worden (lees: het vrouwtje wakker gemaakt worden) om deze situatie zo snel mogelijk op te lossen. Ik weet niet wie er harder is geschrokken, ik, het poezenbeest of de leguaan, maar zodra ik de deksel van de bak pak, spurt de leguaan er vandoor en springt het poezenbeest snel op een stoel. Met mijn slaperige hoofd zet ik de deksel weer op de bak, geef het poezenbeest een aai en een knuffel en ga snel terug naar bed.

05.30 uur
Ja, dat kan ik dus schudden. Ik ben klaarwakker natuurlijk. Ik haal het poezenbeest erbij en samen nestelen we ons onder de deken (het enige gezellige aan de afwezigheid van manlief is dat het poezenbeest zijn plek in bed heeft overgenomen).

06.00 uur
Pfff. Ik ben doodop, maar kom gewoon echt niet in slaap. Poezenbeest daarentegen ligt te ronken als een beer in een winterslaap. Zij wel! Boekje lezen dan maar.

06.30 uur
De zon is al bijna op en mijn boek is dodelijk saai. Zal ik dan maar de was gaan doen? Of iets anders nuttigs? Of zal ik toch nog even blijven liggen? Hmmm, keuzes keuzes keuzes.

07.00 uur
Trrrrrinnnnnnnnnnnnng! Was ik natuurlijk net alsnog ingedommeld, gaat de telefoon! Het is manlief, die zich niets aantrekt van het tijdverschil en dus vindt dat het voor mij de hoogste tijd is om wakker te worden. Toch ben ik stiekem blij dat hij me heeft wakker gebeld. Want ondanks alle voordelen die het wonen op een tropisch eiland biedt (fijn zonnetje, heerlijke temperaturen, iedere dag naar het strand als je dat wilt, lekker kleurtje op je wangen), is het toch maar rete-ongezellig in je eentje. We kletsen fijn en mijmeren wat en praten over zijn terugvlucht en ik voel me direct beter.

08.10 uur
Zo. Dat was een heerlijk telefoontje en ik zit vol energie! Tijd om een dagindeling te maken! Vandaag ga ik eindelijk eens wat aan het huis doen en dan daarna wat winkelen als beloning. En dan, aan het eind van de dag, ga ik heerlijk naar het strand, nog even zwemmen! Ondanks een slechte start komt het helemaal goed met mij vandaag, let maar op!

08.15 uur
Al dagdromend loop ik van de slaapkamer naar de keuken en dan gebeurt het: ik struikel over mijn eigen voeten. En behoorlijk hard ook. Tijdens het vallen zie ik de opstaande rand van de keuken waar ik recht met mijn hoofd op af vlieg en godzijdank maak ik in mijn val nog een extra stapje en land dus vol met mijn heup op de rand. Auwau! Pijn! Ik voel me zieliger dan ooit natuurlijk, want a) ik ben hier alleen, b) ik ben net heel hard gevallen en c) er is niemand om me uit te foeteren dat ik beter moet opletten als ik loop. Dus terwijl ik opkrabbel, loopt er een klein traantje uit mijn ooghoek. Dat kleine traantje is vast een voorbode van wat gaat komen gaat denk ik nog en ja hoor, nog geen 2 minuten later zit ik keihard jankend op de bank vervuld van zelfmedelijden. Ik vind alles oneerlijk, de hele wereld stom, ik voel me bijzonder alleen en jeeeeezus: wat als ik wel met mijn hoofd op die rand was gevallen? Dan had ik hier natuurlijk weken liggen vegeteren, het poezenbeest zou uit pure overlevingsdrang mijn gezicht weggevroten hebben en het ongedierte had dan de rest opgepeuzeld, totdat manlief mijn schamele restanten pas na 4 weken weer gevonden zou hebben.

08.25 uur
Oké, genoeg. Mooi geweest. Nu is het weer tijd om volwassen te doen, dus huppetee, in de douche ermee en ophouden met dat gejank.

08.35 uur
Water is hier duurder dan goud, dus deze douchebeurt heeft nog geen 4 minuten geduurd. Dat vergt nog wat oefening moet ik eerlijk zeggen, want ik ben een doucheverslaafde. In Nederland kan ik zomaar een half uur in de douche staan, onder de kraan, met mijn hoofd tegen de muur, mijmerend over dingen die zijn geweest en nog gaan komen. Hier is dat een heel ander verhaal. Er gaat al een kostbare minuut van mijn douchetijd af, omdat ik moet wachten tot het water heet is. Dan moet ik als een speer shampoo en crèmespoeling doen (op het etiket: “inmasseren en 2 minuten laten intrekken”… Zijn ze gek geworden? Water = heel duur = geen tijd voor inmasseren en 2 minuten laten intrekken!), als het tegenzit moet ik het lijf ontdoen van overtollig haar en ergens daarna moet ik me dan ook nog wassen. Tandenpoetsen doe ik inmiddels al niet meer onder de douche, want in de gebruiksaanwijzing staat: “uw elektrische tandenborstel geeft een signaal als de gewenste poetstijd van 2 minuten is bereikt.”. Ja, tel die 2 minuten bij de crèmespoeling op en ik zit al op 50 euro per maand alleen voor mijn eigen dagelijkse doucheritueel! Kort en goed: ik heb een tijdlimiet van 5 minuten per douche ingesteld, want Natasja Froger vertelde op tv dat je in 5 minuten echt wel schoon bent. Wee haar gebeente als ik hier na 2 maanden ernstig vervuild blijk te zijn!

09.15 uur
Aangekleed, ingesmeerd, opgemaakt, ik ben er klaar voor! Ik besluit eerst maar even wat kleine boodschapjes te doen, dan kan dat mijn geplande winkelexpeditie vanmiddag niet verstoren. Ik knuffel het poezenbeest nog even snel en laat haar met pijn in mijn hart achter in het huis. Ze is nog altijd niet gewend aan haar nieuwe omgeving en is lichamelijk in hele slechte conditie sinds de vliegreis. Iedere dag als ik thuiskom, ga ik met angst en beven kijken waar ze is, maar gelukkig ligt ze tot nu toe gewoon steeds nog lekker te knorren op een stoel. Dat dat nare moment dat dat niet zo is ooit gaat komen, weet ik ook wel, maar voorlopig verkeer ik nog heerlijk in de ontkenningsfase en geniet ik van ieder knorretje en kopje.

09.20 uur
Oh shit! Het moest er een keer van komen natuurlijk. Ik doe de voordeur open en dan blijkt er onverwachts bezoek op de deurmat te zitten. Een kakkerlak, levend en wel, maat XXL. Stress en paniek, want mijn bus Pief Paf insectenverdelger (ja ja, zo heet het echt) heb ik gisteren met mijn domme hoofd leeggespoten op wat onschuldige zwarte torretjes waarvan ik vond dat ze uitgeroeid moesten worden. En nu, nu ik het echt nodig heb, uitgerekend nu heb ik geen kakkerlakkenkiller meer! Ik doe voorzichtig 2 stappen naar achter terug naar binnen en doe de voordeur weer dicht.

09.22 uur
Oké, rustig ademhalen. Wat heb ik wel in huis wat eventueel ook zou werken? Hmmm… Ik heb nog die superagressieve allesreiniger waardoor mijn handen een week lang ontveld waren geraakt. Dat zou toch ook wel goed op een kakkerlak moeten werken? In het slechtste geval vallen alleen zijn vleugels eraf en is ‘ie gehandicapt. Daar doe ik het ook wel voor.

09.25 uur
Ik sta van een meter afstand als een idioot Pine-Sol op de kakkerlak te sprayen, maar het beest blijft gewoon vrolijk bewegen alsof ‘ie geniet van een lekker regenbuitje. Brrr… Ik spray gewoon nog even door.

09.27 uur
Oké, de Pine-Sol is op en de griezel is inmiddels gaan kruipen in plaats van lopen, maar hij leeft nog steeds en erger nog: nu zit hij pal voor het hek en kan ik dus niet weg. Meer actie is noodzakelijk.

09.30 uur
Ha! Tegen ook nog eens een liter Citronel blijkt zelfs deze kakkerlak niet opgewassen en zie daar: een kakkerlijk! Mooi zo! En keurig naast het paadje, zodat mijn vluchtroute naar de auto gewoon vrij is! Goed gedaan al zeg ik het zelf en na mijn tweede traumatische ervaring vandaag stap ik dapper in de auto.

09.45 uur
Ik zit op een bankje bij het strand terwijl ik toekijk hoe Pushi heerlijk een blikje kattenvoer leegsmikkelt. Pushi is een witte zwerfkat met 1 groen en 1 blauw oog die hier bij het strand woont en die min of meer is geadopteerd door manlief. Manlief gaat iedere morgen hardlopen op het strand en is daar Pushi tegengekomen. Al het eten dat ons eigen poezenbeest afwijst (en dat is nogal wat) verdwijnt dus dagelijks in de buik van een tevreden Pushi. Inmiddels is gebleken dat Pushi ook 3 babies heeft, dus moest ik manlief met de hand op het hart beloven dat ik tijdens zijn afwezigheid braaf iedere dag Pushi en haar babies zou voeren. Zo gezegd, zo gedaan en dus ga ik iedere dag naar Pushi. Het is heerlijk rustig zo vroeg in de morgen en ergens ben ik blij dat ik iedere dag even dat moment heb, lekker over de zee uitkijkend met een briesje in mijn gezicht. Waar Pushi al niet goed voor is!

10.15 uur
Met pijn in het hart laat ik Pushi achter (dit kan nooit lang goed blijven gaan natuurlijk. Van manlief heb ik strikte instructies gekregen: “er komen geen huisdieren bij terwijl ik weg ben, we hebben al genoeg zorgen met ons eigen poezenbeest! Denk eraan: ik breng alles zo naar het asiel!”) en vertrek richting supermarkt.

10.20 uur
Ooooooowwwwww nee hè…. Houdt het dan nooit op? Langs de kant van de weg ligt een aangereden kat. Ik zet de auto aan de kant, stap uit en ga kijken, maar het is al te laat. Het beestje is morsdood. Misschien gelukkig maar ook als ik naar de wonden kijk. In mijn tas zit een briefje van de dierenopvang, met daarop het nummer van de afvaldienst die je kunt bellen voor het ophalen van dode dieren op de weg en ik besluit direct te bellen.

10.21 uur
Ze nemen niet op. Ik heb de telefoon tot het eind toe over laten gaan, maar Serlimar, de “gemeentereiniging” van Aruba, heeft kennelijk geen zin de telefoon op te nemen.

10.23 uur
Ze nemen nog steeds niet op, maar ik rijd hier mooi niet weg totdat ik ze gesproken heb!

10.26 uur
Ha! Er neemt iemand op! “Pfffffffffffffffff…. Serlimar, bon dia… pffffff…”. Het gekreun en gesteun negerend vraag ik vriendelijk of de dame van Serlimar misschien ook Nederlands spreekt. “Pfffff.. Ja hoor… Pffffff”. Goh, het is daar óf heel erg warm binnen, óf ze is nodig aan vakantie toe, maar deze mevrouw heeft er duidelijk geen zin in. Ik doe braaf mijn verhaal dat er een dooie kat ligt op de strandweg van de high rise hotels richting vuurtoren, ter hoogte van nummer 250 en of ze die even ophalen vandaag. “Pffffff… welke weg bedoelt u? Pfff….”. Ja, weet ik veel hoe die weg heet, ik ben hier pas net! Maar omdat je meer vliegen vangt met honing dan met azijn, leg ik het vriendelijk en geduldig nog een keertje uit. “Pfff…. Die weg ken ik niet. Welke weg bedoelt u?”. Christemezielen! Er is verdomme maar 1 strandweg en die loopt toch echt gewoon van de high rise hotels naar de vuurtoren! Dit mens wil mij gewoon niet begrijpen! Nog 1 keer dan. Iets minder vriendelijk, maar nog steeds heel geduldig leg ik uit welke weg ik bedoel en waar de kat ongeveer ligt. “Pffff… Oké! En wat wilt u dat wij doen? Pfff…”…. Argh! Die kat ophalen natuurlijk! Ik vertel dat er in de folder van de dierenopvang staat dat Serlimar dode dieren ophaalt langs de weg en dat ik graag wil dat ze deze kat ophalen. “Pffff… Oké. En waar ligt die poes precies? Pfff…”. Dit trek ik gewoon niet. Al die tijd dat dit mens er voor kiest doofstommetje te spelen, zit ik tegen een platgereden kat vol bloed aan te kijken en zij denkt kennelijk dat ik bel om haar te pesten! Ik leg het nog 1 keertje uit, bedank haar hartelijk voor de aandacht en laat met pijn in het hart de 3e poes van vandaag achter. Later word ik vast zo’n oud, eenzaam vrouwtje die uit haar huis gezet wordt omdat ze daar 73 poezen, 16 honden, 41 hamsters en 52 konijnen verstopt had, maar dat kan me mooi niet schelen, wie dan leeft, wie dan zorgt.

10.45 uur
Een wonder is geschied: ik ben dan toch eindelijk aangekomen bij de supermarkt. Mijn boodschappenlijstje ligt natuurlijk thuis, naast de lege fles Citronel. Handig. Nou, dat wordt dan maar op de gok shoppen, dus veel te veel en veel te duur.

11.30 uur
De laatste 3 kwartier heb ik mijn boodschappenwagentje volgeladen met allerlei artikelen die a) ik niet nodig had, b) veel te duur zijn en c) ik in de komende 10 jaar ook niet nodig zal hebben. Kortom: ik heb gewinkeld zoals het een echte eenzame vrouw betaamt! Er ligt voor een vermogen aan kaarsen en chocola in de wagen, 3 dozen ijs, 5 verschillende flessen schoonmaakmiddel, 1 enorme bus Pief Paf, 4 luchtverfrissers, 24 rollen toiletpapier, 1 pak septic-tank-ontstopper (om die 24 rollen toiletpapier biologisch af te breken) en 4 veel te dure tijdschriften. Goed gewinkeld hoor, ik kan trots zijn op mezelf!

12.10 uur
Daar sta ik dan, in de voortuin met al mijn boodschappen om me heen en mijn kin op de grond van verbazing! Want: waar is het kakkerlijk? De restanten van kakkerlak XXL lagen toch echt links van het hekje bij de steen, maar waar ik ook kijk: geen kakkerlijk! Een wederopstanding heeft zich voltrokken terwijl ik boodschappen aan het doen was! Ik bel manlief om hem mee te delen dat ik de pest control nog een keer wil laten komen (ze zijn vorige week nog geweest, maar wat kan mij het schelen? Alles moet dood!) en manlief (bang voor zijn banksaldo) zegt dat ik niet moet panieken en dat de mieren er natuurlijk met het kakkerlijk vandoor zijn gegaan. Dat geloof ik niet en dus sputter ik tegen dat me dat niet kan schelen en dat ik toch echt de pest control ga bellen. We hebben tenslotte een maand “ongedierte-garantie” en dus had dit kreng er nooit mogen zijn en dus, en dus, en dus!! Manlief zegt liefjes dat hij kan merken dat ik niet zo’n goeie dag heb en raadt me aan even lekker naar het strand te gaan. Ik zucht, maar stem toch toe, hij heeft gelijk. Ik kan maar beter even relaxed gaan liggen en wat zwemmen, want anders wordt het niets meer vandaag.

12.25 uur
Ik geef manlief een telefonische knuffel, leg de telefoon neer en ga me omkleden. Ik smeer me nog een keertje in en trek ook alvast mijn bikini aan, dan kan ik me straks zo neervlijen op mijn handdoek. Dat is nou 1 van die luxe dingen die het eilandleven zo aantrekkelijk maken, alle ingrediënten voor een middagje relaxen zijn altijd aanwezig: zon, strand en zee!

12.30 uur
Goed. Nu is het dus gaan regenen. Tot zover het eerste ingrediënt voor een middagje relaxen. Wat een ongelooooooflijke k*t-dag is dit! En het is niet een tropisch buitje van 5 minuten zoals ik hier gewend ben, maar het is een soort mini-orkaan. Het waait, het is koud en de zon is nergens meer te bekennen. Oké, duidelijk hoor. Als het me niet gegund is een normale dag te hebben, dan geef ik het toch gewoon op? Dan ga ik nu wel alvast afhaal-Chinees halen om vanavond op te warmen en blijf ik de rest van de dag gewoon op de bank! Grumph!

12.55 uur
Het is maandag en dus is mijn favoriete afhaal-Chinees gesloten. Dat is ‘ie namelijk altijd op maandag en dus heb ik altijd alleen op maandag trek in Chinees. Ik besluit door te rijden en dan maar het eerste het beste Chinese restaurant dat ik tegenkom te vereren met een bezoek.

13.10 uur
Het is Chinese Cuisine Grand Victoria geworden. Een wat schimmig uitziend restaurant met plastic tafelkleedjes en heel weinig verlichting. Ik pak de menukaart en trek me even terug op een bankje om een keuze te maken. Het bankje is ook al van plastic en zuigt zich direct vast aan mijn blote benen. Brrr…. Ik wil eigenlijk liever nu al weg, maar ik wil vanavond ook Chinees eten, dus niet piepen nu, gewoon iets uitkiezen.

13.12 uur
Met de menukaart valt het eigenlijk nog wel mee. Ze hebben nasi goreng, bami goreng, saté en nog veel meer dingen die ieder Chinees restaurant op de kaart heeft staan. Maar dan valt mijn oog op de “Chef’s Specials”, nummer 124: voor 24 florin (euro 9,50) kan ik “Java Honden Portie” bestellen. Pardon? Java Honden Portie? Ik kijk nog eens om te zien of ik het wel goed gelezen heb, maar het staat er echt, Java Honden Portie! Ik vond al dat er zo verdacht weinig zwerfhonden waren dit jaar, nu begrijp ik waarom! Ik trek mijn benen los van het plastic bankje, mompel tegen de ober dat ik toch niet zo’n honger heb en sneller dan het licht zit ik alweer in de auto onderweg naar huis. Java Honden Portie! Dat geeft je op zijn minst te denken over de rest van de menukaart! Is curry chicken dan wel echt chicken of is het de kat van de buren met currysaus?

13.35 uur
Ik wou dat ik mijn pyjama had meegenomen hiernaartoe. Het is typisch zo’n pyjamadag en nou heb ik er geeneen. Ik heb ook geen badjas. En ook geen trui. Ik heb wel: 30 shirtjes die nergens bij passen (heel praktisch), 4 rokjes die ook al nergens bij passen (en ik überhaupt al 6 jaar niet aan had gehad, dus waarom ik ze heb meegenomen is mij een raadsel) en een berg “nette” kleren voor ’s avonds. Ik heb geen vestje (terwijl ik zeker weet dat ik die klaar had gehangen naast mijn koffer), ik heb geen spijkerjack (terwijl ik dat toch echt aanhad in het vliegtuig, dus waarschijnlijk is dat nu in bezit van een KLM-schoonmaakster), en ik heb héél, héél veel ondergoed (ik was bang dat ze hier geen ondergoed zouden verkopen). Wanhopig op zoek naar comfortabele bank-kleren trek ik dan maar een boxer aan van manlief en mijn hier voor 3 euro aangeschafte véél te grote Sinterklaas & Zwarte Piet t-shirt. Ik zie er uit als een woonwagenbewoner en bovendien heb ik niets te eten voor vanavond, maar het kan me allemaal niet meer schelen. Ik kruip op de bank, zet de tv aan en zap naar Discovery Channel.

17.30 uur
Langzaam doe ik mijn ogen open. Ik heb gewoon bijna 4 uur liggen tukken! En natuurlijk staat er nu wel een stralend zonnetje aan de hemel! Om me even in te peperen dat ik een halve dag verslapen heb natuurlijk terwijl ik ook heerlijk aan het strand had kunnen liggen! Terwijl ik opsta van de bank, voel ik een snijdende pijn in mijn heup die ik niet direct thuis kan brengen. Totdat ik er even naar kijk. Daar, precies net lekker zichtbaar als je in bikini bent, zit een enorme blauwe plek door die val van vanmorgen. En met mijn geschaafde elleboog en deze plek zie ik er uit alsof ik 3 uur hangend aan een touw door een auto ben voortgesleept over een grindweg. Charming as ever, je kan mij ook echt niet een dag alleen laten of ik probeer onbewust direct harakiri te plegen.

17.45 uur
Terwijl ik een boterhammetje aan het ontdooien bel ik nog eens met de internetmensen. Die hebben mij al dagenlang internet beloofd, maar om onduidelijke redenen zetten ze het knopje “internet” maar niet om. Met als gevolg dat ik van de buitenwereld afgesloten ben als het gaat om sociale contacten en vooral het door mij zo geliefde nieuws! Dus draai ik mijn verhaal maar weer eens af tegen de helpdeskmedewerker die eerst zegt “belt u nou alweer?” en daarna beweert dat ik allang internet heb. Nee hoor, spreek ik hem tegen, want als dat zo was, dan brandde het lampje “internet” op mijn modem wel! De beste jongen zegt dat het lampje wel brandt en dat ik gewoon internet heb. Ik zeg weer dat dat niet zo is, kijk naar het modem en terwijl ik mijn zin nog moet afmaken gaat daar ineens het lampje branden! Ik heb internet! Halleluja! De truc om hier iets gedaan te krijgen is dus gewoon dat je iedere dag moet opbellen, net zo lang tot ze je spuugzat zijn! Ik heb internet! Ik heb internet! Ik zeg tegen de jongen dat ik hem wel kan zoenen en dat ik snel ga ophangen want ik moet internetten!

21.00 uur
Oh, ik denk wel dat mijn boterhammetje nu ondertussen wel ontdooid is. Ik heb me een beetje laten meeslepen en heb al 3 uur aan 1 stuk door zitten mailen en internetten en ben de tijd compleet vergeten. Wat ben ik ongelooflijk blij dat ik weer in het land der elektronisch communicerenden ben!

21.10 uur
Met een uitgedroogd boterhammetje met chocopasta in de hand kruip ik in het kader van “gezelligheid kent geen tijd” nog even het internet op. Het is er zo fijn, op de elektronische snelweg, ik krijg er geen genoeg van!

22.30 uur
Gaap gaap gaap, geeuw geeuw geeuw. Ondanks het feit dat ik de halve dag verslapen heb, ben ik werkelijk uitgeput. Het zullen de emoties wel zijn. Eigenlijk zou ik manlief nog wel even willen bellen, maar het is bij hem 02.30 uur en die ligt natuurlijk allang te slapen. En op mijn mailtjes krijg ik ook van niemand reactie, dus vooruit dan maar. Met gezonde tegenzin zet ik de computer uit en vertrek langzamerhand richting mandje.

22.45 uur
Het poezenbeest blijkt allang op bed te liggen en ik duw haar voorzichtig een beetje opzij en kruip er naast. Ik zet de wekker maar weer eens, want ook als werkloze op Aruba moet je toch in een ritme blijven en doe de lampen uit.

23.00 uur
Déjà-vu. Ik sta alweer in de kamer met mijn klauwhamer en mijn zaklamp, nu vanwege een raar kloppend geluid. Dit keer blijkt het de ijsblokjesmaker van de koelkast te zijn die zelf bijvult. Pfff. Houdt het dan nooit op?

23.25 uur
Nu sta ik buiten met mijn zaklamp en mijn klauwhamer door wéér een klap, maar ik hoor en zie niks, dus ga onverrichter zake weer terug naar bed.

23.35 uur
Ik hoor nog steeds wat buiten. Zal ik 911 bellen? Was manlief nou maar hier, zodat ik die naar buiten kon sturen en ik dan zelf heel dapper achter hem aan kon lopen. Goed. Manlief is er niet, de politie bellen slaat echt nergens op, ik ga gewoon kijken. Dat kan ik best.

23.26 uur
In plaats van weer naar buiten te lopen, gluur ik door tussen alle luxaflex en gordijnen door, maar ik zie niets of niemand. En dan ineens zie ik daar de oorzaak van de klappen voorbijscheuren: het is de Arubaanse overbuurman in zijn oude Ford met kapotte uitlaat. Knal! Boem! Knal! Godzijdank, ik kan terug naar bed!

23.40 uur
Ik doe voor de 4e keer vanavond alle lampen uit en dan, jawel, val ik eindelijk in slaap terwijl ik in plaats van schaapjes kakkerlakken tel. Wat een dag.

zaterdag 6 februari 2010

"KRANTENKOPPEN"


08.00 uur
Manlief en ik hebben allebei vreselijk slecht geslapen vannacht en zijn pas tegen het ochtendgloren in slaap gevallen. Nu worden we echter bruut gewekt door een raar rommelend geluid in de tuin. Hmmmm… Onweer? Nee, ik zie toch echt een streepje zon door de slaapkamergordijnen vallen, dus dat kan het niet zijn. Het geluid houdt aan, maar we zijn veel te moe om uit te vinden wat het is, dus we draaien ons nog eens lekker om.

08.30 uur
Dat geluid blijft maar rommelen, wat is het toch? Ik probeer manlief wakker te maken, maar die doet net of hij het niet merkt en snurkt stug door. Poezenbeest is er ook wakker van geworden en draait inmiddels enthousiast rondjes op mijn buik en miauwt er lustig op los. Goed, ik kan vaststellen dat slapen er niet meer in zit, dus dan maar mijn rondje journaal en teletekst.

08.45 uur
Oké, ik word er nu een beetje gek van. Wat is het toch? Het zouden natuurlijk de werklui kunnen zijn die na 5 weken (!) nog steeds bezig zijn op het dak en die nu hun afval in mijn net opgeruimde tuin dumpen. De gedachte alleen al wekt genoeg irritatie op om mijn badjas aan te trekken en de tuin aan een nadere inspectie te onderwerpen.

08.48 uur
Het regent niet, het onweert niet en er ligt nog niet een stofje in de tuin en toch hoor ik duidelijk iets rammelend in de tuin neerkomen. Ik verzamel moed en stap met mijn slaperige hoofd de tuin in en daar wordt de oorzaak van het geluid direct duidelijk. Het is de loodgieter die op zijn dooie akkertje het puin van het dak via onze hemelwaterafvoer naar beneden stort, rechtstreeks het riool in richting terugslagklep. Voor degenen die de achtergrond hiervan niet kennen: de terugslagklep is 7 jaar geleden geplaatst om ons te behoeden voor riooloverstromingen, die wij in de jaren vóór de terugslagklep met de regelmaat van de klok mochten meemaken hier. Deze klep is mij dus heiliger dan Jezus, Jozef en Maria en alle heiligen die je kunt verzinnen! Zonder klep geen huis, zonder klep sta je bij de eerste regenbui tot je knietjes in de stront! Binnen 10 seconden na vaststelling van dit gruwelijke misdrijf dat zich hier voltrekt, komt er een rode waas voor mijn ogen en begin ik naar boven te schreeuwen “Hé! Hé! Loodgieter!!!! Hé!”. Mijn vriendelijke roep om attentie wordt beantwoord met “goeiemorrugûh! Lekkûh geslapûh?”. Nee boerenl*l! 1) heb ik niet goed geslapen en 2) wat ben je in godsvredesnaam aan het doen? Ik probeer nog vriendelijk te blijven, maar verzand in een discussie over dat het puin niet anders af te voeren is en dat hij anders niet door kan werken. Ik gil terug dat het mij niet uitmaakt waar hij het puin laat, voor mijn part eet ‘ie het op, maar als de hemelwaterafvoer hiervoor bestemd was, heette het een stortkoker en geen regenpijp en als er niet vandaag een rioolman dit puin er uit komt halen, dan sta ik niet voor mezelf in. Ik gil er nog even achterna dat ik nú zijn baas ga bellen en dat er niets, maar dan ook helemaal niets meer door de afvoer mag.

09.00 uur
Briesend, snuivend, bijzonder opgewonden en absoluut niet in de stemming voor iets anders dan koffie en een sigaret sta ik in de keuken mijn verhaal te doen tegen manlief, die niet luistert omdat ook hij een slechte bui heeft en ruzie maakt aan de telefoon met iemand anders over iets wat echt helemaaaaaal niet belangrijk is. Vind ik. Manlief ziet aan mijn rode hoofd dat het me menens is, hangt op en vraagt liefjes wat er is. Na 14 vloeken, 12 verwensingen en 600 rampscenario’s leg ik uit wat er gebeurd is, terwijl ik ondertussen de hele keuken overhoop haal op zoek naar het telefoonnummer van de hoofd-dakman. Manlief wordt gelukkig ook heel boos en daar ben ik ben blij mee, want gedeelde smart is halve smart en terwijl manlief boos richting tuin loopt, spreek ik de voicemail van de dakman in. Ik snuif, ik bries, ik zeg dat ik “voorbij boos” ben, dat hij me nú moet bellen, dat het allemaal genoeg is geweest en dat ik hem nu alvast aansprakelijk stel voor alle overstromingen die er in de komende tijd gaan komen.

09.15 uur
De dakman belt niet terug en de loodgieter durft niet meer van het dak te komen. Dat kan hij ook niet meer, al zou hij willen, want ondertussen zijn de gevelmannen gekomen om de steiger die er stond af te breken, dus de loodgieter kan beter zijn basiskamp daar opslaan op het dak. Dat lijkt me op dit moment voor zijn gezondheid sowieso beter, dus hij zit daar goed. Manlief en ik drinken koffie en ik bel de dakman weer.

09.30 uur
Manlief staat onder de douche, daar heb ik geen tijd voor, want ik heb me voorgenomen iedere 15 minuten de dakman te bellen, net zo lang tot hij opneemt. Ondertussen wind ik me gewoon nog wat verder op en sta ik te stuiteren van de 5 bakken koffie die ik al op heb.

09.45 uur
Ik spreek wéér de voicemail van de dakman in en zeg nu dat niet-terugbellen geen zin heeft, omdat ik weet dat hij aan het werk is in de Vogelwijk en ik anders zo in de auto stap om hem te zoeken.

09.51 uur
Waarschijnlijk bang voor een woeste, ongewassen vrouw in roze badjas in een Ieniemienie belt de dakman dan toch geschrokken op. Wat er aan de hand is. Nou, dat zal ik hem eens precies vertellen, wat er aan de hand is! Ik doe mijn verhaal, kalm, beheerst en met onderkoelde woede, en draag hem min of meer op de boel vandaag nog te regelen en wel met onze “eigen” rioolmannen, die ieder jaar hier de inspectie doen. En om er zeker van te zijn dat er geen twijfel meer bestaat over wat ik wil, herinner ik hem fijntjes aan het feit dat zijn werk 4 weken over tijd is, dat ik opgescheept zit met alle rotzooi van iedereen en dat ik er helemaal, maar dan ook echt Helemaal, met een hoofdletter H, doorheen zit. De dakman vraagt timide wie hij moet bellen, ik geef hem het nummer en zeg er dan bij dat hij wel moet begrijpen dat hij dit gaat betalen. De dakman zegt “ja natuurlijk. Sjeezus, sorry hoor, het spijt me echt verschrikkuluk hoor!” en belooft dat hij het regelt. Ik zeg dat ik wil dat hij me terugbelt zodra het geregeld is, zeg gedag en hang op. En dan kijk ik recht in het stomverbaasde gezicht van manlief die zegt “zo zo! Vrouw met ballen! Goed gedaan hoor!”.

10.00 uur
Vrouw met ballen staat in de douche. Maar ik was wel een beetje hard tegen de dakman. En normaal zou ik heus niet zo tekeer gaan, maar mijn paniek en angst zijn in dit geval niet overdreven en daarnaast staat ons huis al sinds 11 weken in de steigers, dus ik heb er eigenlijk wel recht op om een keer te flippen. Maar eerlijk is eerlijk, ik ben stiekem wel een klein beetje trots op mezelf. Al ga ik dat natuurlijk nooit hardop zeggen.

10.25 uur
De dakman belt op en zegt dat de rioolmannen hem bellen een half uur voor ze komen vandaag. De dakman belt mij dan op, zodat ik kan zorgen dat ik thuis ben. Ik zeg “fijn, dankjewel en goed geregeld” en hang op.

11.00 uur
Vrouw met ballen zet manlief (kennelijk zonder ballen vandaag, nu ik de hele boel heb geregeld) af in de stad. Ik loop met mijn duizend-dingen-in-de-stad-te-doen-lijstje driftig over de Grote Markt. Stop 1 is de Bijenkorf, want ik heb alle Nespresso opgedronken vanmorgen, waar we eigenlijk tot ons vertrek naar Aruba mee hadden moeten doen en dus moet ik snel nieuwe Nespresso inslaan.

11.10 uur
Er staat een gladde glipper bij de Nespresso-balie en zoals het een echte homo betaamt niet hij mijn pinbon met een roze nietje vast aan de orderbon. Leuk hoor! Of ik nog een kopje koffie wil vraagt hij. Ik bedank vriendelijk nu de koffie al bijna uit mijn poriën komt zetten en nog meer cafeïne me waarschijnlijk hartritmestoornissen bezorgt.

11.20 uur
Stop 2 op het lijstje is H&M om daar de cadeaukaart die ik van vriendinnetje D. voor mijn verjaardag heb gekregen, in te wisselen voor een fijn t-shirt of jurkje voor straks op Aruba. Had ik alleen wel die kaart moeten meenemen. Dat zou handig geweest zijn. Grumph.

11.35 uur
Stop 3 is de kleermaker. Hij kan mijn jurkje niet vinden. Dit is dezelfde kleermaker als die van het bruilofts-jurkje-debâcle en ja, ik had beter moeten weten, maar ik ben blond en kennelijk dommer dan een ezel.

11.45 uur
Na veel zoeken is het jurkje boven water gekomen. Op naar stop 4, Schaap & Citroen om daar een nieuw bandje aan te schaffen voor manliefs horloge dat ik wil gaan dragen.

11.55 uur
De levertijd is 8 weken. En een bordeauxrood bandje (dat nu aan het horloge zit) bestaat niet volgens de Schaap & Citroen-meneer. Dat bordeauxrood was eerst bruin, maar nu is het natuurlijk heel erg verkleurd en daarom is het nu bordeauxrood. Ja hoor. En ik was eerst een neger, maar omdat hier de zon nooit schijnt, ben ik helemaal verbleekt. Jeeeezus! Goed, laat maar, dit gaat ‘m niet worden vandaag. Ik bestel dat bandje wel op Aruba en bekijk het allemaal maar. Wat een gezeur.

11.56 uur
De dakman belt en zegt dat de rioolman heeft geconstateerd dat ik niet thuis was. Nee, dat klopt want ik zou een half uur van tevoren gebeld worden! Argggggh! De rioolman is nu lunchen, dus als ik nu naar huis ga, dan zijn we tegelijk terug. Tot zover dus mijn rondje stad, die andere 996 dingen die ik daar nog moet doen moeten dan maar wachten tot een andere dag.

12.20 uur
Hijgend en wel kom ik thuis aan. De loodgieter heeft van onze afwezigheid gebruik gemaakt om te vluchten en vanaf boven zie ik Ph., de Franse bovenbuurman, al naar me gluren. Die wil natuurlijk weer even komen zaniken over iets en ik kan het na tig weken gezeur gewoon niet meer aan. Ik wil ‘m niet horen, zien of spreken, dus ik vlucht naar binnen en verstop me.

12.30 uur
De bel. Het is de rioolman, samen met de dakman. De dakman begint met 1000 excuses, die accepteer ik en ik troon de mannen mee naar de tuin.

12.45 uur
Deze rioolman is hier nog niet eerder geweest, weet niet waar de terugslagklep zit en heeft wel zin in een praatje in plaats van aan het werk te gaan. Hij belt met zijn collega, steekt een sjekkie op en kletst er lustig op los. Nee, het is allemaal niet best. Nou, makkelijk is het al helemaal niet. Jeetjemineetje, hmmm. En zo gaat het maar door. De dakman staat er een beetje bij te hangen, Ph. gluurt vanachter zijn keukenraam de tuin in en ik vries ondertussen dood. Mijn god, wat een dag!

13.00 uur
Aha. De gebelde collega heeft uitgelegd hoe of wat en de rioolman pakt een slang, een schep, een soort mega poepschepapparaat en een afstandbediening. Hij steekt van alles in de afvoer, in de bezinkput en vertelt ondertussen enthousiast wat hij in de afgelopen jaren al niet in zulke putten heeft gevonden. En dat de vieste put die hij moet schoonmaken toch wel de put van het mortuarium van het Bronovo ziekenhuis is. En vooral van dat laatste onderwerp krijgt hij maar geen genoeg. Ik hoor van alles aan over lichaamsvloeistoffen, balsemvloeistoffen, stukjes menselijke organen, haren en nagels en word echt fysiek onpasselijk. De dakman smeert ‘m en vertrekt naar het dak en de rioolman schept ondertussen een kleine 20 kilo ellende uit de put en gooit dat tussen de planten in de tuin. Nou, die zullen er volgend jaar zomer lekker bijstaan.

13.45 uur
De put wordt doorgespoeld, er komt een vreselijke lucht vrij die zich in no-time ook door het hele huis verspreidt en de rioolman vertelt dat ik heb geboft dat hij er zo snel bij was, want een regenbui had het huis niet overleefd.

14.00 uur
De dakman komt naar beneden en krijgt van de rioolman een preek over puin storten in afvoeren bij huizen van meer dan 100 jaar oud. De dakman wil alleen nog maar betalen en vluchten, maar hij zal moeten wachten tot de rioolman klaar is, dus ontsnappen kan voorlopig nog niet.

14.10 uur
Ondertussen blijkt Ph. zich dan toch voor mijn voordeur genesteld te hebben, maar ik heb de bel niet gehoord. De dakman wel en die is recht in de zeur- en zanik-val van Ph. gelopen en krijgt nu de volle lading. Terwijl ik de trap oploop, hoor ik ze bekvechten en stiekem sluip ik weer terug naar de tuin. Dan maar verhalen over menselijke resten, alles beter dan dat Franse gezeik.

14.30 uur
Ph. blijkt boos vertrokken te zijn, de dakman baalt als een stekker en de rioolman graaft zich aan de voorkant van het huis een ongeluk op zoek naar de terugslagklep. Ondertussen belt manlief op met 1000 dingen die ik voor hem moet uitzoeken en mailen naar deez en geen. Ik leg uit dat ik even geen tijd heb, dat ik een soort van druk bezig ben, maar dit keer is het manlief die geen tegenspraak duldt en dus hobbel ik maar braaf naar de computer.

14.45 uur
Ik heb uitgezocht en opgezocht wat manlief wilde weten, ik heb dat braaf gemaild en ben ondertussen ook nog gestruikeld over het poezenbeest, die zich verdekt had opgesteld achter mijn stoel. Dat levert me een dikke enkel en een gebroken koffiekopje op en het poezenbeest rent van schrik naar beneden, de tuin in, door de slurriesmurrie die de rioolman door de hele tuin gemorst heeft. Ik probeer kalm te blijven en besluit dat het nu genoeg is geweest. Iedereen moet weg en ik wil rust en pais en vree.

14.50 uur
Ik vertel de rioolman dat ik er nu wel een beetje klaar mee ben. Hij zegt dat ik niet zo onaardig moet doen en dat laatst nog iemand tegen hem zei dat ze hem in de fik zouden steken als hij niet zou opschieten. Ik zeg dat hem dat hier ook te wachten staat als het nog lang duurt en ineens gaat alles een stuk sneller.

15.00 uur
De dakman rekent af met de rioolman, 208 euro. Jammer voor de dakman, maar eigen schuld, dikke bult en ik bedank iedereen vriendelijk, sluit de voordeur en slaak een zucht. En dan kijk ik de gang in. Er loopt een poezenpotenspoor door de hele gang, de woonkamer in, de woonkamer weer uit, de trap af, de gang beneden door, de slaapkamer in, via de badkamer er weer uit, de logeerkamer door en aan de andere kant de trap weer op. Overal, maar dan ook overal, staan vieze zwarte poezenpootjes. Zucht.

15.30 uur
Goed. Het huis is weer schoon. Er hangt nog wel een smerige putlucht, maar het is in ieder geval schoon. De rust is weergekeerd en ik bel manlief. Of ik hem even kan halen in de stad. Tuurlijk. Het is tenslotte niet alsof ik nu even niets wilde doen, dus vooruit dan maar.

16.00 uur
Manlief is ziekjes en heeft een beetje een slechte bui. Hij vindt ook dat ik te hard rijd in Ieniemienie, en bij het inparkeren schreeuwt hij keihard “let op die fiets!”. “Die fiets!” staat op de stoep, helemaal niet in de buurt van Ieniemienie en dus snap ik niet waar al dat geschreeuw voor nodig is en nu is het bij mij ook gewoon klaar. Ik zeg tegen manlief dat hij uit moet stappen, lekker even iets voor zichzelf moet doen, dat ik dat ook ga doen en dat we dan straks allebei weer vrolijk zijn.

16.30 uur
Manlief rammelt zijn frustratie er uit op het toetsenbord van de computer en ik zit met de laptop op de bank. Waar manlief zich nog druk bezighoudt met zakelijke ellende, lees ik het Arubaanse sufferdje om te kijken wat er zoal gebeurt op ons eiland. Tenslotte vertrekken we al volgende week en dus is het wel handig als we een beetje op de hoogte zijn. Er gebeuren hele belangrijke dingen op Aruba, dat is wel duidelijk. Een paar krantenkoppen: “Kaasman doet zich voor als taxichauffeur”, “Vrouw richt ravage aan op hoofdweg luchthaven”, “Tiener slaat ouders” en als absolute klap op de vuurpijl: “Importheffing op breiwerk omlaag”. Kijk, das mooi, dan weet ik nu dat ik fijn goedkoop gebreide truien en sjaals kan importeren als ik eenmaal daar ben, want die heb je hard nodig bij een gemiddelde temperatuur van 30 graden!
Het nieuws heeft ook een paar dingen waar ik minder blij mee ben zoals: “Oktober, natste maand in jaren” en nog erger: “Boa’s over hele eiland verspreid”. Kijk, dat zijn nou berichten waar ik niet gelukkig van word. Misschien kan ik wel gebreide paraplu’s gaan importeren, maar dat is dan ook het enige positieve wat ik kan bedenken over de natste maand in jaren. Meer zorgen maak ik me over de boa’s! Heel stiekem hoop ik nog dat het over feestkleding gaat, maar bij het openen van het artikel blijkt het dan toch echt over boa constrictors te gaan. En het goede nieuws blijft maar komen: “de boa’s eten ook puppy’s en katten”. Waaaaat? Arm poezenbeest! Waar ze net nog door mij omgedoopt was tot “tropigatto” (tropische kat) besluit ik nu acuut dat ze het huis aldaar niet mag verlaten. Poezenbeest moet binnen blijven, in een afgesloten ruimte zonder kieren of gaten met een gesloten aircosysteem. Straks komt er zo’n akelig slanggeval die mijn tropigatto in een oogwenk wurgt en inslikt! Verschrikt vertel ik manlief het nieuws. Manlief lacht en zegt dat als het een boa lukt om onze tropigatto met haar afmetingen in te slikken, die boa dan in het Guiness Book of Records komt. Niet grappig, niet leuk en al helemaal niet complimenteus richting het poezenbeest. Ik pak mijn lieve tropigatto om haar te troosten en samen nestelen we ons veilig op onze Nederlandse bank, zonder enge slangen, onder een fijn dekentje met Animal Planet op tv. Soms is geluk heel gewoon en dit is zo’n moment.

17.30 uur
Hmmm. Ik was in slaap gevallen en wordt wakker gemaakt door manlief, die boven mijn hoofd hangt om te vragen wat we gaan eten zo. Ook tropigatto heeft ook honger en jengelt om voer, dus ik offer me op en sjok naar de keuken. Ik háát koken, zeker op commando, en ik heb helemaal geen honger. Maar goed, hongerige monden moet gevoerd worden, anders worden ze niet stil, dus vooruit dan maar. Ik neem de laptop mee naar de keuken, zodat ik nog een beetje kan neuzelen op internet terwijl het eten pruttelt en dan ontdek ik alwéér iets waar ik niet blij van word. Een weblog van een Nederlandse mevrouw op Aruba over kakkerlakken.

17.35 uur
Dit is dus geen leuk nieuws. Kakkerlakken zijn gek op vochtig weer en nu oktober zo’n natte maand was, hebben ze zich heerlijk voortgeplant. Ze zitten schijnbaar in alle hoeken en gaten en het enige waar ze niet van houden is fel licht. Ik vertel alles aan manlief en hij zegt dat we de pestcontrol laten komen en dat ik niet bang hoef te zijn. Tuurlijk. Wat hij nog niet weet, is dat ik, zodra we op het eiland inkopen gaan doen, 400 spaarlampen zal aanschaffen en daarmee ons hele romantische huisje zal verlichten als een Turks koffiehuis. Stop die romantiek maar op een plaats waar de zon niet schijnt en koop maar een zonnebril voor ’s avonds, want er zal geen plek slecht verlicht zijn in ons stulpje.

17.50 uur
Ik heb kip met rijst en kerrie gemaakt en de kip heeft wel wat weg van gebakken kakkerlak. Ook zie ik overal in mijn ooghoeken zwarte vlekken wegschieten, die er natuurlijk helemaal niet zijn. Ik ben echt volkomen hysterisch als het op insecten aankomt en kakkerlakken staan, naast spinnen, toch wel met stip op nummer 1 van mijn “doodmaken-zonder-erbij-stil-te-staan-lijst”. Tijdens het eten door vertel ik manlief dat iedere 3 weken de pestcontrol moet komen, dat we niet leuk zelf gaan tuinieren en dat er overal hordeuren moeten komen, omdat ik anders gewoon binnen 2 maanden in een gekkenhuis zit met een insectenfobie. Manlief zegt keurig ja op de goede momenten en schiet dan keihard in de lach. Of ik niet wist dat er op een eiland nou eenmaal tropische dieren en dus ook insecten zitten. En of ik had gedacht dat ik die tropische omstandigheden zonder nadelen in de schoot geworpen zou krijgen. Nee natuurlijk niet, maar ik had er niet op gerekend dat er zwarte weduwen (ja, die zitten er dus ook) onder de leuning van mijn tuinstoel zitten te broeden, dat er kakkerlakken uit de septic tank komen kruipen bij nat weer en dat ik er al helemaal niet op gerekend had dat er 650 boa constrictors in de tuin sluipen!

18.15 uur
Al 2 weken staat er een keurige tas in de logeerkamer met daarin “huisraad”. Deze tas gaat, naast de gewone bagage, mee als overgewicht naar Aruba en bestaat voornamelijk uit handige en onmisbare dingen als beddengoed, wat servies, wat bestek en 15 paar schoenen van mij (in mijn eigen koffer is daar gewoon geen plaats meer voor en omdat ik op een eiland ga wonen, wil dat niet zeggen dat ik geen fatsoenlijk schoeisel aan mijn voeten mag hebben!). Maar nu word ik geconfronteerd met een duivels dilemma. Na het lezen van al die enge verhalen rest me geen andere keuze dan mijn bug-away mee te nemen. Dat is mijn handige apparaat dat me de afgelopen jaren al heel wat keren heeft gered van enge spinnen en ander ongedierte. Maar ja, mijn bug-away is een meter lang en heeft een bijzonder onhandig formaat, dus ik moet wel iets anders uit de overgewichttas opofferen om plaats te maken voor de bug-away.

18.45 uur
De afgelopen 30 minuten heb ik de tas 30 keer in- en uitgepakt. Maar het is me dan toch eindelijk gelukt een plekje te maken voor de bug-away. Dan nemen we gewoon geen beddengoed mee. Als de bug-away er maar in past. Manlief komt kijken en mompelt iets over mijn schoenen. Ik doe net of ik het niet hoor en zeg dat het met 30 graden toch veel te warm is voor lakens, dus niet zeuren nou, het probleem is al lang opgelost!

19.00 uur
Oké. Ik heb er 1 paar schoenen uitgehaald. De tas bleek niet dicht te gaan en ik kan ook wel naar Aruba zonder paarse schoenen, dus die offer ik dan maar op.

19.05 uur
De paarse schoenen zitten er weer in. Ik heb het bestek er uit gehaald, want zonder die paarse schoenen kan ik mijn paarse jurkje niet aan en dan kan ik die ook niet meenemen en dat wilde ik nou juist zo graag. Niet meenemen is natuurlijk geen optie, en we kunnen best een paar dagen zonder bestek, dus niet zeuren. Alles past nu en ik ben tevreden.

19.30 uur
Manlief zegt dat ik er erg moe uitzie en naar bed moet. Ik zeg dat zelfs zijn dochterlief toen ze 6 was nog later naar bed mocht dan half acht en dat ik dus niet ga. Ik mompel ook nog dat de kippen zelfs nog niet op stok gaan om half acht en dat ik dus niet moe ben en zeker niet naar bed ga.

19.45 uur
Slik. Ik ben eigenlijk bekaf. Afgelopen nacht was een hele korte en vandaag was geen winstpakker op gezellig of positief vlak. En manlief heeft griep. Dus maak ik handig van die gelegenheid gebruik en zeg dat ik natuurlijk nog lang niet moe ben, maar dat manlief er wel ziekjes uit ziet en zullen we dan gewoon lekker in bed gaan liggen? Manlief schiet in de lach en sputtert niet tegen.

20.00 uur
Het is acht uur ’s avonds en nog voordat de kippen op stok zijn gegaan, liggen manlief en ik als 2 bejaarden heerlijk tegen elkaar aan gekropen in een lekker warm bedje. We drinken thee, eten bergen speculaas en kletsen honderduit.

20.30 uur
“Wat een dag hè… Uh, voor als ik zo in slaap val: slaap lekker schat..”. “Nou hè.. Is goed lief, jij ook lekker slaap voor straks..”.

20.35 uur
“Schatje, je hebt toch niet de huisraad opgeofferd voor schoenen en kleren hè?”. “Nee liefje, natuurlijk niet. Ik ben toch niet gek! Waar zie je me voor aan?”

20.45 uur
Snurk. Snurk.
 
Free Hit Counter