Posts tonen met het label ongedierte. Alle posts tonen
Posts tonen met het label ongedierte. Alle posts tonen

maandag 8 februari 2010

"JAVA HONDEN PORTIE"


04.54 uur
Kaboem! Ik schrik wakker, schiet uit bed en sta binnen 10 seconden met zaklamp en klauwhamer in de woonkamer. We zijn nu al een tijdje nieuwe inwoners van One Happy Island en het is nu 2 weken na manliefs onverwachte tijdelijke terugkeer naar Nederland. Ik ben dus nu even tijdelijk de enige menselijke bewoner van ons huisje in de tropen. Overdag is er niet zoveel aan de hand, maar zodra het donker wordt, begint de ellende. Ik hoor vreemde geluiden, zie overal inbrekers en bespeur in het hele huis ongedierte dat mij ofwel wil aanvallen ofwel wil opeten. Meer smaken zijn er niet, that's it. Daarom heb ik mezelf een zaklamp van enorme afmetingen en een klauwhamer aangeschaft ter zelfverdediging. En nu, op dit tijdstip, ben ik er heilig van overtuigd dat dan toch het moment daar is dat de inbrekers zijn gekomen. Ik ben al klaar om te schreeuwen “neem de tv maar mee! Oh, en daar ligt mijn portemonnee! Doen jullie de deur achter je dicht als je alles hebt?”, maar dan zie ik het poezenbeest in een vechthouding voor de kattenbak staan. De oorzaak van de klap is snel duidelijk: de deksel van de kattenbak ligt op de grond. Het poezenbeest wilde kennelijk even een boodschap doen, toen bleek dat de bak reeds bezet was. Want daar, pontificaal tussen de kattenbakkorrels zit een trotse leguaan! En dat trekt poezenbeest natuurlijk niet, dus moest hemel en aarde bewogen worden (lees: het vrouwtje wakker gemaakt worden) om deze situatie zo snel mogelijk op te lossen. Ik weet niet wie er harder is geschrokken, ik, het poezenbeest of de leguaan, maar zodra ik de deksel van de bak pak, spurt de leguaan er vandoor en springt het poezenbeest snel op een stoel. Met mijn slaperige hoofd zet ik de deksel weer op de bak, geef het poezenbeest een aai en een knuffel en ga snel terug naar bed.

05.30 uur
Ja, dat kan ik dus schudden. Ik ben klaarwakker natuurlijk. Ik haal het poezenbeest erbij en samen nestelen we ons onder de deken (het enige gezellige aan de afwezigheid van manlief is dat het poezenbeest zijn plek in bed heeft overgenomen).

06.00 uur
Pfff. Ik ben doodop, maar kom gewoon echt niet in slaap. Poezenbeest daarentegen ligt te ronken als een beer in een winterslaap. Zij wel! Boekje lezen dan maar.

06.30 uur
De zon is al bijna op en mijn boek is dodelijk saai. Zal ik dan maar de was gaan doen? Of iets anders nuttigs? Of zal ik toch nog even blijven liggen? Hmmm, keuzes keuzes keuzes.

07.00 uur
Trrrrrinnnnnnnnnnnnng! Was ik natuurlijk net alsnog ingedommeld, gaat de telefoon! Het is manlief, die zich niets aantrekt van het tijdverschil en dus vindt dat het voor mij de hoogste tijd is om wakker te worden. Toch ben ik stiekem blij dat hij me heeft wakker gebeld. Want ondanks alle voordelen die het wonen op een tropisch eiland biedt (fijn zonnetje, heerlijke temperaturen, iedere dag naar het strand als je dat wilt, lekker kleurtje op je wangen), is het toch maar rete-ongezellig in je eentje. We kletsen fijn en mijmeren wat en praten over zijn terugvlucht en ik voel me direct beter.

08.10 uur
Zo. Dat was een heerlijk telefoontje en ik zit vol energie! Tijd om een dagindeling te maken! Vandaag ga ik eindelijk eens wat aan het huis doen en dan daarna wat winkelen als beloning. En dan, aan het eind van de dag, ga ik heerlijk naar het strand, nog even zwemmen! Ondanks een slechte start komt het helemaal goed met mij vandaag, let maar op!

08.15 uur
Al dagdromend loop ik van de slaapkamer naar de keuken en dan gebeurt het: ik struikel over mijn eigen voeten. En behoorlijk hard ook. Tijdens het vallen zie ik de opstaande rand van de keuken waar ik recht met mijn hoofd op af vlieg en godzijdank maak ik in mijn val nog een extra stapje en land dus vol met mijn heup op de rand. Auwau! Pijn! Ik voel me zieliger dan ooit natuurlijk, want a) ik ben hier alleen, b) ik ben net heel hard gevallen en c) er is niemand om me uit te foeteren dat ik beter moet opletten als ik loop. Dus terwijl ik opkrabbel, loopt er een klein traantje uit mijn ooghoek. Dat kleine traantje is vast een voorbode van wat gaat komen gaat denk ik nog en ja hoor, nog geen 2 minuten later zit ik keihard jankend op de bank vervuld van zelfmedelijden. Ik vind alles oneerlijk, de hele wereld stom, ik voel me bijzonder alleen en jeeeeezus: wat als ik wel met mijn hoofd op die rand was gevallen? Dan had ik hier natuurlijk weken liggen vegeteren, het poezenbeest zou uit pure overlevingsdrang mijn gezicht weggevroten hebben en het ongedierte had dan de rest opgepeuzeld, totdat manlief mijn schamele restanten pas na 4 weken weer gevonden zou hebben.

08.25 uur
Oké, genoeg. Mooi geweest. Nu is het weer tijd om volwassen te doen, dus huppetee, in de douche ermee en ophouden met dat gejank.

08.35 uur
Water is hier duurder dan goud, dus deze douchebeurt heeft nog geen 4 minuten geduurd. Dat vergt nog wat oefening moet ik eerlijk zeggen, want ik ben een doucheverslaafde. In Nederland kan ik zomaar een half uur in de douche staan, onder de kraan, met mijn hoofd tegen de muur, mijmerend over dingen die zijn geweest en nog gaan komen. Hier is dat een heel ander verhaal. Er gaat al een kostbare minuut van mijn douchetijd af, omdat ik moet wachten tot het water heet is. Dan moet ik als een speer shampoo en crèmespoeling doen (op het etiket: “inmasseren en 2 minuten laten intrekken”… Zijn ze gek geworden? Water = heel duur = geen tijd voor inmasseren en 2 minuten laten intrekken!), als het tegenzit moet ik het lijf ontdoen van overtollig haar en ergens daarna moet ik me dan ook nog wassen. Tandenpoetsen doe ik inmiddels al niet meer onder de douche, want in de gebruiksaanwijzing staat: “uw elektrische tandenborstel geeft een signaal als de gewenste poetstijd van 2 minuten is bereikt.”. Ja, tel die 2 minuten bij de crèmespoeling op en ik zit al op 50 euro per maand alleen voor mijn eigen dagelijkse doucheritueel! Kort en goed: ik heb een tijdlimiet van 5 minuten per douche ingesteld, want Natasja Froger vertelde op tv dat je in 5 minuten echt wel schoon bent. Wee haar gebeente als ik hier na 2 maanden ernstig vervuild blijk te zijn!

09.15 uur
Aangekleed, ingesmeerd, opgemaakt, ik ben er klaar voor! Ik besluit eerst maar even wat kleine boodschapjes te doen, dan kan dat mijn geplande winkelexpeditie vanmiddag niet verstoren. Ik knuffel het poezenbeest nog even snel en laat haar met pijn in mijn hart achter in het huis. Ze is nog altijd niet gewend aan haar nieuwe omgeving en is lichamelijk in hele slechte conditie sinds de vliegreis. Iedere dag als ik thuiskom, ga ik met angst en beven kijken waar ze is, maar gelukkig ligt ze tot nu toe gewoon steeds nog lekker te knorren op een stoel. Dat dat nare moment dat dat niet zo is ooit gaat komen, weet ik ook wel, maar voorlopig verkeer ik nog heerlijk in de ontkenningsfase en geniet ik van ieder knorretje en kopje.

09.20 uur
Oh shit! Het moest er een keer van komen natuurlijk. Ik doe de voordeur open en dan blijkt er onverwachts bezoek op de deurmat te zitten. Een kakkerlak, levend en wel, maat XXL. Stress en paniek, want mijn bus Pief Paf insectenverdelger (ja ja, zo heet het echt) heb ik gisteren met mijn domme hoofd leeggespoten op wat onschuldige zwarte torretjes waarvan ik vond dat ze uitgeroeid moesten worden. En nu, nu ik het echt nodig heb, uitgerekend nu heb ik geen kakkerlakkenkiller meer! Ik doe voorzichtig 2 stappen naar achter terug naar binnen en doe de voordeur weer dicht.

09.22 uur
Oké, rustig ademhalen. Wat heb ik wel in huis wat eventueel ook zou werken? Hmmm… Ik heb nog die superagressieve allesreiniger waardoor mijn handen een week lang ontveld waren geraakt. Dat zou toch ook wel goed op een kakkerlak moeten werken? In het slechtste geval vallen alleen zijn vleugels eraf en is ‘ie gehandicapt. Daar doe ik het ook wel voor.

09.25 uur
Ik sta van een meter afstand als een idioot Pine-Sol op de kakkerlak te sprayen, maar het beest blijft gewoon vrolijk bewegen alsof ‘ie geniet van een lekker regenbuitje. Brrr… Ik spray gewoon nog even door.

09.27 uur
Oké, de Pine-Sol is op en de griezel is inmiddels gaan kruipen in plaats van lopen, maar hij leeft nog steeds en erger nog: nu zit hij pal voor het hek en kan ik dus niet weg. Meer actie is noodzakelijk.

09.30 uur
Ha! Tegen ook nog eens een liter Citronel blijkt zelfs deze kakkerlak niet opgewassen en zie daar: een kakkerlijk! Mooi zo! En keurig naast het paadje, zodat mijn vluchtroute naar de auto gewoon vrij is! Goed gedaan al zeg ik het zelf en na mijn tweede traumatische ervaring vandaag stap ik dapper in de auto.

09.45 uur
Ik zit op een bankje bij het strand terwijl ik toekijk hoe Pushi heerlijk een blikje kattenvoer leegsmikkelt. Pushi is een witte zwerfkat met 1 groen en 1 blauw oog die hier bij het strand woont en die min of meer is geadopteerd door manlief. Manlief gaat iedere morgen hardlopen op het strand en is daar Pushi tegengekomen. Al het eten dat ons eigen poezenbeest afwijst (en dat is nogal wat) verdwijnt dus dagelijks in de buik van een tevreden Pushi. Inmiddels is gebleken dat Pushi ook 3 babies heeft, dus moest ik manlief met de hand op het hart beloven dat ik tijdens zijn afwezigheid braaf iedere dag Pushi en haar babies zou voeren. Zo gezegd, zo gedaan en dus ga ik iedere dag naar Pushi. Het is heerlijk rustig zo vroeg in de morgen en ergens ben ik blij dat ik iedere dag even dat moment heb, lekker over de zee uitkijkend met een briesje in mijn gezicht. Waar Pushi al niet goed voor is!

10.15 uur
Met pijn in het hart laat ik Pushi achter (dit kan nooit lang goed blijven gaan natuurlijk. Van manlief heb ik strikte instructies gekregen: “er komen geen huisdieren bij terwijl ik weg ben, we hebben al genoeg zorgen met ons eigen poezenbeest! Denk eraan: ik breng alles zo naar het asiel!”) en vertrek richting supermarkt.

10.20 uur
Ooooooowwwwww nee hè…. Houdt het dan nooit op? Langs de kant van de weg ligt een aangereden kat. Ik zet de auto aan de kant, stap uit en ga kijken, maar het is al te laat. Het beestje is morsdood. Misschien gelukkig maar ook als ik naar de wonden kijk. In mijn tas zit een briefje van de dierenopvang, met daarop het nummer van de afvaldienst die je kunt bellen voor het ophalen van dode dieren op de weg en ik besluit direct te bellen.

10.21 uur
Ze nemen niet op. Ik heb de telefoon tot het eind toe over laten gaan, maar Serlimar, de “gemeentereiniging” van Aruba, heeft kennelijk geen zin de telefoon op te nemen.

10.23 uur
Ze nemen nog steeds niet op, maar ik rijd hier mooi niet weg totdat ik ze gesproken heb!

10.26 uur
Ha! Er neemt iemand op! “Pfffffffffffffffff…. Serlimar, bon dia… pffffff…”. Het gekreun en gesteun negerend vraag ik vriendelijk of de dame van Serlimar misschien ook Nederlands spreekt. “Pfffff.. Ja hoor… Pffffff”. Goh, het is daar óf heel erg warm binnen, óf ze is nodig aan vakantie toe, maar deze mevrouw heeft er duidelijk geen zin in. Ik doe braaf mijn verhaal dat er een dooie kat ligt op de strandweg van de high rise hotels richting vuurtoren, ter hoogte van nummer 250 en of ze die even ophalen vandaag. “Pffffff… welke weg bedoelt u? Pfff….”. Ja, weet ik veel hoe die weg heet, ik ben hier pas net! Maar omdat je meer vliegen vangt met honing dan met azijn, leg ik het vriendelijk en geduldig nog een keertje uit. “Pfff…. Die weg ken ik niet. Welke weg bedoelt u?”. Christemezielen! Er is verdomme maar 1 strandweg en die loopt toch echt gewoon van de high rise hotels naar de vuurtoren! Dit mens wil mij gewoon niet begrijpen! Nog 1 keer dan. Iets minder vriendelijk, maar nog steeds heel geduldig leg ik uit welke weg ik bedoel en waar de kat ongeveer ligt. “Pffff… Oké! En wat wilt u dat wij doen? Pfff…”…. Argh! Die kat ophalen natuurlijk! Ik vertel dat er in de folder van de dierenopvang staat dat Serlimar dode dieren ophaalt langs de weg en dat ik graag wil dat ze deze kat ophalen. “Pffff… Oké. En waar ligt die poes precies? Pfff…”. Dit trek ik gewoon niet. Al die tijd dat dit mens er voor kiest doofstommetje te spelen, zit ik tegen een platgereden kat vol bloed aan te kijken en zij denkt kennelijk dat ik bel om haar te pesten! Ik leg het nog 1 keertje uit, bedank haar hartelijk voor de aandacht en laat met pijn in het hart de 3e poes van vandaag achter. Later word ik vast zo’n oud, eenzaam vrouwtje die uit haar huis gezet wordt omdat ze daar 73 poezen, 16 honden, 41 hamsters en 52 konijnen verstopt had, maar dat kan me mooi niet schelen, wie dan leeft, wie dan zorgt.

10.45 uur
Een wonder is geschied: ik ben dan toch eindelijk aangekomen bij de supermarkt. Mijn boodschappenlijstje ligt natuurlijk thuis, naast de lege fles Citronel. Handig. Nou, dat wordt dan maar op de gok shoppen, dus veel te veel en veel te duur.

11.30 uur
De laatste 3 kwartier heb ik mijn boodschappenwagentje volgeladen met allerlei artikelen die a) ik niet nodig had, b) veel te duur zijn en c) ik in de komende 10 jaar ook niet nodig zal hebben. Kortom: ik heb gewinkeld zoals het een echte eenzame vrouw betaamt! Er ligt voor een vermogen aan kaarsen en chocola in de wagen, 3 dozen ijs, 5 verschillende flessen schoonmaakmiddel, 1 enorme bus Pief Paf, 4 luchtverfrissers, 24 rollen toiletpapier, 1 pak septic-tank-ontstopper (om die 24 rollen toiletpapier biologisch af te breken) en 4 veel te dure tijdschriften. Goed gewinkeld hoor, ik kan trots zijn op mezelf!

12.10 uur
Daar sta ik dan, in de voortuin met al mijn boodschappen om me heen en mijn kin op de grond van verbazing! Want: waar is het kakkerlijk? De restanten van kakkerlak XXL lagen toch echt links van het hekje bij de steen, maar waar ik ook kijk: geen kakkerlijk! Een wederopstanding heeft zich voltrokken terwijl ik boodschappen aan het doen was! Ik bel manlief om hem mee te delen dat ik de pest control nog een keer wil laten komen (ze zijn vorige week nog geweest, maar wat kan mij het schelen? Alles moet dood!) en manlief (bang voor zijn banksaldo) zegt dat ik niet moet panieken en dat de mieren er natuurlijk met het kakkerlijk vandoor zijn gegaan. Dat geloof ik niet en dus sputter ik tegen dat me dat niet kan schelen en dat ik toch echt de pest control ga bellen. We hebben tenslotte een maand “ongedierte-garantie” en dus had dit kreng er nooit mogen zijn en dus, en dus, en dus!! Manlief zegt liefjes dat hij kan merken dat ik niet zo’n goeie dag heb en raadt me aan even lekker naar het strand te gaan. Ik zucht, maar stem toch toe, hij heeft gelijk. Ik kan maar beter even relaxed gaan liggen en wat zwemmen, want anders wordt het niets meer vandaag.

12.25 uur
Ik geef manlief een telefonische knuffel, leg de telefoon neer en ga me omkleden. Ik smeer me nog een keertje in en trek ook alvast mijn bikini aan, dan kan ik me straks zo neervlijen op mijn handdoek. Dat is nou 1 van die luxe dingen die het eilandleven zo aantrekkelijk maken, alle ingrediënten voor een middagje relaxen zijn altijd aanwezig: zon, strand en zee!

12.30 uur
Goed. Nu is het dus gaan regenen. Tot zover het eerste ingrediënt voor een middagje relaxen. Wat een ongelooooooflijke k*t-dag is dit! En het is niet een tropisch buitje van 5 minuten zoals ik hier gewend ben, maar het is een soort mini-orkaan. Het waait, het is koud en de zon is nergens meer te bekennen. Oké, duidelijk hoor. Als het me niet gegund is een normale dag te hebben, dan geef ik het toch gewoon op? Dan ga ik nu wel alvast afhaal-Chinees halen om vanavond op te warmen en blijf ik de rest van de dag gewoon op de bank! Grumph!

12.55 uur
Het is maandag en dus is mijn favoriete afhaal-Chinees gesloten. Dat is ‘ie namelijk altijd op maandag en dus heb ik altijd alleen op maandag trek in Chinees. Ik besluit door te rijden en dan maar het eerste het beste Chinese restaurant dat ik tegenkom te vereren met een bezoek.

13.10 uur
Het is Chinese Cuisine Grand Victoria geworden. Een wat schimmig uitziend restaurant met plastic tafelkleedjes en heel weinig verlichting. Ik pak de menukaart en trek me even terug op een bankje om een keuze te maken. Het bankje is ook al van plastic en zuigt zich direct vast aan mijn blote benen. Brrr…. Ik wil eigenlijk liever nu al weg, maar ik wil vanavond ook Chinees eten, dus niet piepen nu, gewoon iets uitkiezen.

13.12 uur
Met de menukaart valt het eigenlijk nog wel mee. Ze hebben nasi goreng, bami goreng, saté en nog veel meer dingen die ieder Chinees restaurant op de kaart heeft staan. Maar dan valt mijn oog op de “Chef’s Specials”, nummer 124: voor 24 florin (euro 9,50) kan ik “Java Honden Portie” bestellen. Pardon? Java Honden Portie? Ik kijk nog eens om te zien of ik het wel goed gelezen heb, maar het staat er echt, Java Honden Portie! Ik vond al dat er zo verdacht weinig zwerfhonden waren dit jaar, nu begrijp ik waarom! Ik trek mijn benen los van het plastic bankje, mompel tegen de ober dat ik toch niet zo’n honger heb en sneller dan het licht zit ik alweer in de auto onderweg naar huis. Java Honden Portie! Dat geeft je op zijn minst te denken over de rest van de menukaart! Is curry chicken dan wel echt chicken of is het de kat van de buren met currysaus?

13.35 uur
Ik wou dat ik mijn pyjama had meegenomen hiernaartoe. Het is typisch zo’n pyjamadag en nou heb ik er geeneen. Ik heb ook geen badjas. En ook geen trui. Ik heb wel: 30 shirtjes die nergens bij passen (heel praktisch), 4 rokjes die ook al nergens bij passen (en ik überhaupt al 6 jaar niet aan had gehad, dus waarom ik ze heb meegenomen is mij een raadsel) en een berg “nette” kleren voor ’s avonds. Ik heb geen vestje (terwijl ik zeker weet dat ik die klaar had gehangen naast mijn koffer), ik heb geen spijkerjack (terwijl ik dat toch echt aanhad in het vliegtuig, dus waarschijnlijk is dat nu in bezit van een KLM-schoonmaakster), en ik heb héél, héél veel ondergoed (ik was bang dat ze hier geen ondergoed zouden verkopen). Wanhopig op zoek naar comfortabele bank-kleren trek ik dan maar een boxer aan van manlief en mijn hier voor 3 euro aangeschafte véél te grote Sinterklaas & Zwarte Piet t-shirt. Ik zie er uit als een woonwagenbewoner en bovendien heb ik niets te eten voor vanavond, maar het kan me allemaal niet meer schelen. Ik kruip op de bank, zet de tv aan en zap naar Discovery Channel.

17.30 uur
Langzaam doe ik mijn ogen open. Ik heb gewoon bijna 4 uur liggen tukken! En natuurlijk staat er nu wel een stralend zonnetje aan de hemel! Om me even in te peperen dat ik een halve dag verslapen heb natuurlijk terwijl ik ook heerlijk aan het strand had kunnen liggen! Terwijl ik opsta van de bank, voel ik een snijdende pijn in mijn heup die ik niet direct thuis kan brengen. Totdat ik er even naar kijk. Daar, precies net lekker zichtbaar als je in bikini bent, zit een enorme blauwe plek door die val van vanmorgen. En met mijn geschaafde elleboog en deze plek zie ik er uit alsof ik 3 uur hangend aan een touw door een auto ben voortgesleept over een grindweg. Charming as ever, je kan mij ook echt niet een dag alleen laten of ik probeer onbewust direct harakiri te plegen.

17.45 uur
Terwijl ik een boterhammetje aan het ontdooien bel ik nog eens met de internetmensen. Die hebben mij al dagenlang internet beloofd, maar om onduidelijke redenen zetten ze het knopje “internet” maar niet om. Met als gevolg dat ik van de buitenwereld afgesloten ben als het gaat om sociale contacten en vooral het door mij zo geliefde nieuws! Dus draai ik mijn verhaal maar weer eens af tegen de helpdeskmedewerker die eerst zegt “belt u nou alweer?” en daarna beweert dat ik allang internet heb. Nee hoor, spreek ik hem tegen, want als dat zo was, dan brandde het lampje “internet” op mijn modem wel! De beste jongen zegt dat het lampje wel brandt en dat ik gewoon internet heb. Ik zeg weer dat dat niet zo is, kijk naar het modem en terwijl ik mijn zin nog moet afmaken gaat daar ineens het lampje branden! Ik heb internet! Halleluja! De truc om hier iets gedaan te krijgen is dus gewoon dat je iedere dag moet opbellen, net zo lang tot ze je spuugzat zijn! Ik heb internet! Ik heb internet! Ik zeg tegen de jongen dat ik hem wel kan zoenen en dat ik snel ga ophangen want ik moet internetten!

21.00 uur
Oh, ik denk wel dat mijn boterhammetje nu ondertussen wel ontdooid is. Ik heb me een beetje laten meeslepen en heb al 3 uur aan 1 stuk door zitten mailen en internetten en ben de tijd compleet vergeten. Wat ben ik ongelooflijk blij dat ik weer in het land der elektronisch communicerenden ben!

21.10 uur
Met een uitgedroogd boterhammetje met chocopasta in de hand kruip ik in het kader van “gezelligheid kent geen tijd” nog even het internet op. Het is er zo fijn, op de elektronische snelweg, ik krijg er geen genoeg van!

22.30 uur
Gaap gaap gaap, geeuw geeuw geeuw. Ondanks het feit dat ik de halve dag verslapen heb, ben ik werkelijk uitgeput. Het zullen de emoties wel zijn. Eigenlijk zou ik manlief nog wel even willen bellen, maar het is bij hem 02.30 uur en die ligt natuurlijk allang te slapen. En op mijn mailtjes krijg ik ook van niemand reactie, dus vooruit dan maar. Met gezonde tegenzin zet ik de computer uit en vertrek langzamerhand richting mandje.

22.45 uur
Het poezenbeest blijkt allang op bed te liggen en ik duw haar voorzichtig een beetje opzij en kruip er naast. Ik zet de wekker maar weer eens, want ook als werkloze op Aruba moet je toch in een ritme blijven en doe de lampen uit.

23.00 uur
Déjà-vu. Ik sta alweer in de kamer met mijn klauwhamer en mijn zaklamp, nu vanwege een raar kloppend geluid. Dit keer blijkt het de ijsblokjesmaker van de koelkast te zijn die zelf bijvult. Pfff. Houdt het dan nooit op?

23.25 uur
Nu sta ik buiten met mijn zaklamp en mijn klauwhamer door wéér een klap, maar ik hoor en zie niks, dus ga onverrichter zake weer terug naar bed.

23.35 uur
Ik hoor nog steeds wat buiten. Zal ik 911 bellen? Was manlief nou maar hier, zodat ik die naar buiten kon sturen en ik dan zelf heel dapper achter hem aan kon lopen. Goed. Manlief is er niet, de politie bellen slaat echt nergens op, ik ga gewoon kijken. Dat kan ik best.

23.26 uur
In plaats van weer naar buiten te lopen, gluur ik door tussen alle luxaflex en gordijnen door, maar ik zie niets of niemand. En dan ineens zie ik daar de oorzaak van de klappen voorbijscheuren: het is de Arubaanse overbuurman in zijn oude Ford met kapotte uitlaat. Knal! Boem! Knal! Godzijdank, ik kan terug naar bed!

23.40 uur
Ik doe voor de 4e keer vanavond alle lampen uit en dan, jawel, val ik eindelijk in slaap terwijl ik in plaats van schaapjes kakkerlakken tel. Wat een dag.

zaterdag 6 februari 2010

"KRANTENKOPPEN"


08.00 uur
Manlief en ik hebben allebei vreselijk slecht geslapen vannacht en zijn pas tegen het ochtendgloren in slaap gevallen. Nu worden we echter bruut gewekt door een raar rommelend geluid in de tuin. Hmmmm… Onweer? Nee, ik zie toch echt een streepje zon door de slaapkamergordijnen vallen, dus dat kan het niet zijn. Het geluid houdt aan, maar we zijn veel te moe om uit te vinden wat het is, dus we draaien ons nog eens lekker om.

08.30 uur
Dat geluid blijft maar rommelen, wat is het toch? Ik probeer manlief wakker te maken, maar die doet net of hij het niet merkt en snurkt stug door. Poezenbeest is er ook wakker van geworden en draait inmiddels enthousiast rondjes op mijn buik en miauwt er lustig op los. Goed, ik kan vaststellen dat slapen er niet meer in zit, dus dan maar mijn rondje journaal en teletekst.

08.45 uur
Oké, ik word er nu een beetje gek van. Wat is het toch? Het zouden natuurlijk de werklui kunnen zijn die na 5 weken (!) nog steeds bezig zijn op het dak en die nu hun afval in mijn net opgeruimde tuin dumpen. De gedachte alleen al wekt genoeg irritatie op om mijn badjas aan te trekken en de tuin aan een nadere inspectie te onderwerpen.

08.48 uur
Het regent niet, het onweert niet en er ligt nog niet een stofje in de tuin en toch hoor ik duidelijk iets rammelend in de tuin neerkomen. Ik verzamel moed en stap met mijn slaperige hoofd de tuin in en daar wordt de oorzaak van het geluid direct duidelijk. Het is de loodgieter die op zijn dooie akkertje het puin van het dak via onze hemelwaterafvoer naar beneden stort, rechtstreeks het riool in richting terugslagklep. Voor degenen die de achtergrond hiervan niet kennen: de terugslagklep is 7 jaar geleden geplaatst om ons te behoeden voor riooloverstromingen, die wij in de jaren vóór de terugslagklep met de regelmaat van de klok mochten meemaken hier. Deze klep is mij dus heiliger dan Jezus, Jozef en Maria en alle heiligen die je kunt verzinnen! Zonder klep geen huis, zonder klep sta je bij de eerste regenbui tot je knietjes in de stront! Binnen 10 seconden na vaststelling van dit gruwelijke misdrijf dat zich hier voltrekt, komt er een rode waas voor mijn ogen en begin ik naar boven te schreeuwen “Hé! Hé! Loodgieter!!!! Hé!”. Mijn vriendelijke roep om attentie wordt beantwoord met “goeiemorrugûh! Lekkûh geslapûh?”. Nee boerenl*l! 1) heb ik niet goed geslapen en 2) wat ben je in godsvredesnaam aan het doen? Ik probeer nog vriendelijk te blijven, maar verzand in een discussie over dat het puin niet anders af te voeren is en dat hij anders niet door kan werken. Ik gil terug dat het mij niet uitmaakt waar hij het puin laat, voor mijn part eet ‘ie het op, maar als de hemelwaterafvoer hiervoor bestemd was, heette het een stortkoker en geen regenpijp en als er niet vandaag een rioolman dit puin er uit komt halen, dan sta ik niet voor mezelf in. Ik gil er nog even achterna dat ik nú zijn baas ga bellen en dat er niets, maar dan ook helemaal niets meer door de afvoer mag.

09.00 uur
Briesend, snuivend, bijzonder opgewonden en absoluut niet in de stemming voor iets anders dan koffie en een sigaret sta ik in de keuken mijn verhaal te doen tegen manlief, die niet luistert omdat ook hij een slechte bui heeft en ruzie maakt aan de telefoon met iemand anders over iets wat echt helemaaaaaal niet belangrijk is. Vind ik. Manlief ziet aan mijn rode hoofd dat het me menens is, hangt op en vraagt liefjes wat er is. Na 14 vloeken, 12 verwensingen en 600 rampscenario’s leg ik uit wat er gebeurd is, terwijl ik ondertussen de hele keuken overhoop haal op zoek naar het telefoonnummer van de hoofd-dakman. Manlief wordt gelukkig ook heel boos en daar ben ik ben blij mee, want gedeelde smart is halve smart en terwijl manlief boos richting tuin loopt, spreek ik de voicemail van de dakman in. Ik snuif, ik bries, ik zeg dat ik “voorbij boos” ben, dat hij me nú moet bellen, dat het allemaal genoeg is geweest en dat ik hem nu alvast aansprakelijk stel voor alle overstromingen die er in de komende tijd gaan komen.

09.15 uur
De dakman belt niet terug en de loodgieter durft niet meer van het dak te komen. Dat kan hij ook niet meer, al zou hij willen, want ondertussen zijn de gevelmannen gekomen om de steiger die er stond af te breken, dus de loodgieter kan beter zijn basiskamp daar opslaan op het dak. Dat lijkt me op dit moment voor zijn gezondheid sowieso beter, dus hij zit daar goed. Manlief en ik drinken koffie en ik bel de dakman weer.

09.30 uur
Manlief staat onder de douche, daar heb ik geen tijd voor, want ik heb me voorgenomen iedere 15 minuten de dakman te bellen, net zo lang tot hij opneemt. Ondertussen wind ik me gewoon nog wat verder op en sta ik te stuiteren van de 5 bakken koffie die ik al op heb.

09.45 uur
Ik spreek wéér de voicemail van de dakman in en zeg nu dat niet-terugbellen geen zin heeft, omdat ik weet dat hij aan het werk is in de Vogelwijk en ik anders zo in de auto stap om hem te zoeken.

09.51 uur
Waarschijnlijk bang voor een woeste, ongewassen vrouw in roze badjas in een Ieniemienie belt de dakman dan toch geschrokken op. Wat er aan de hand is. Nou, dat zal ik hem eens precies vertellen, wat er aan de hand is! Ik doe mijn verhaal, kalm, beheerst en met onderkoelde woede, en draag hem min of meer op de boel vandaag nog te regelen en wel met onze “eigen” rioolmannen, die ieder jaar hier de inspectie doen. En om er zeker van te zijn dat er geen twijfel meer bestaat over wat ik wil, herinner ik hem fijntjes aan het feit dat zijn werk 4 weken over tijd is, dat ik opgescheept zit met alle rotzooi van iedereen en dat ik er helemaal, maar dan ook echt Helemaal, met een hoofdletter H, doorheen zit. De dakman vraagt timide wie hij moet bellen, ik geef hem het nummer en zeg er dan bij dat hij wel moet begrijpen dat hij dit gaat betalen. De dakman zegt “ja natuurlijk. Sjeezus, sorry hoor, het spijt me echt verschrikkuluk hoor!” en belooft dat hij het regelt. Ik zeg dat ik wil dat hij me terugbelt zodra het geregeld is, zeg gedag en hang op. En dan kijk ik recht in het stomverbaasde gezicht van manlief die zegt “zo zo! Vrouw met ballen! Goed gedaan hoor!”.

10.00 uur
Vrouw met ballen staat in de douche. Maar ik was wel een beetje hard tegen de dakman. En normaal zou ik heus niet zo tekeer gaan, maar mijn paniek en angst zijn in dit geval niet overdreven en daarnaast staat ons huis al sinds 11 weken in de steigers, dus ik heb er eigenlijk wel recht op om een keer te flippen. Maar eerlijk is eerlijk, ik ben stiekem wel een klein beetje trots op mezelf. Al ga ik dat natuurlijk nooit hardop zeggen.

10.25 uur
De dakman belt op en zegt dat de rioolmannen hem bellen een half uur voor ze komen vandaag. De dakman belt mij dan op, zodat ik kan zorgen dat ik thuis ben. Ik zeg “fijn, dankjewel en goed geregeld” en hang op.

11.00 uur
Vrouw met ballen zet manlief (kennelijk zonder ballen vandaag, nu ik de hele boel heb geregeld) af in de stad. Ik loop met mijn duizend-dingen-in-de-stad-te-doen-lijstje driftig over de Grote Markt. Stop 1 is de Bijenkorf, want ik heb alle Nespresso opgedronken vanmorgen, waar we eigenlijk tot ons vertrek naar Aruba mee hadden moeten doen en dus moet ik snel nieuwe Nespresso inslaan.

11.10 uur
Er staat een gladde glipper bij de Nespresso-balie en zoals het een echte homo betaamt niet hij mijn pinbon met een roze nietje vast aan de orderbon. Leuk hoor! Of ik nog een kopje koffie wil vraagt hij. Ik bedank vriendelijk nu de koffie al bijna uit mijn poriën komt zetten en nog meer cafeïne me waarschijnlijk hartritmestoornissen bezorgt.

11.20 uur
Stop 2 op het lijstje is H&M om daar de cadeaukaart die ik van vriendinnetje D. voor mijn verjaardag heb gekregen, in te wisselen voor een fijn t-shirt of jurkje voor straks op Aruba. Had ik alleen wel die kaart moeten meenemen. Dat zou handig geweest zijn. Grumph.

11.35 uur
Stop 3 is de kleermaker. Hij kan mijn jurkje niet vinden. Dit is dezelfde kleermaker als die van het bruilofts-jurkje-debâcle en ja, ik had beter moeten weten, maar ik ben blond en kennelijk dommer dan een ezel.

11.45 uur
Na veel zoeken is het jurkje boven water gekomen. Op naar stop 4, Schaap & Citroen om daar een nieuw bandje aan te schaffen voor manliefs horloge dat ik wil gaan dragen.

11.55 uur
De levertijd is 8 weken. En een bordeauxrood bandje (dat nu aan het horloge zit) bestaat niet volgens de Schaap & Citroen-meneer. Dat bordeauxrood was eerst bruin, maar nu is het natuurlijk heel erg verkleurd en daarom is het nu bordeauxrood. Ja hoor. En ik was eerst een neger, maar omdat hier de zon nooit schijnt, ben ik helemaal verbleekt. Jeeeezus! Goed, laat maar, dit gaat ‘m niet worden vandaag. Ik bestel dat bandje wel op Aruba en bekijk het allemaal maar. Wat een gezeur.

11.56 uur
De dakman belt en zegt dat de rioolman heeft geconstateerd dat ik niet thuis was. Nee, dat klopt want ik zou een half uur van tevoren gebeld worden! Argggggh! De rioolman is nu lunchen, dus als ik nu naar huis ga, dan zijn we tegelijk terug. Tot zover dus mijn rondje stad, die andere 996 dingen die ik daar nog moet doen moeten dan maar wachten tot een andere dag.

12.20 uur
Hijgend en wel kom ik thuis aan. De loodgieter heeft van onze afwezigheid gebruik gemaakt om te vluchten en vanaf boven zie ik Ph., de Franse bovenbuurman, al naar me gluren. Die wil natuurlijk weer even komen zaniken over iets en ik kan het na tig weken gezeur gewoon niet meer aan. Ik wil ‘m niet horen, zien of spreken, dus ik vlucht naar binnen en verstop me.

12.30 uur
De bel. Het is de rioolman, samen met de dakman. De dakman begint met 1000 excuses, die accepteer ik en ik troon de mannen mee naar de tuin.

12.45 uur
Deze rioolman is hier nog niet eerder geweest, weet niet waar de terugslagklep zit en heeft wel zin in een praatje in plaats van aan het werk te gaan. Hij belt met zijn collega, steekt een sjekkie op en kletst er lustig op los. Nee, het is allemaal niet best. Nou, makkelijk is het al helemaal niet. Jeetjemineetje, hmmm. En zo gaat het maar door. De dakman staat er een beetje bij te hangen, Ph. gluurt vanachter zijn keukenraam de tuin in en ik vries ondertussen dood. Mijn god, wat een dag!

13.00 uur
Aha. De gebelde collega heeft uitgelegd hoe of wat en de rioolman pakt een slang, een schep, een soort mega poepschepapparaat en een afstandbediening. Hij steekt van alles in de afvoer, in de bezinkput en vertelt ondertussen enthousiast wat hij in de afgelopen jaren al niet in zulke putten heeft gevonden. En dat de vieste put die hij moet schoonmaken toch wel de put van het mortuarium van het Bronovo ziekenhuis is. En vooral van dat laatste onderwerp krijgt hij maar geen genoeg. Ik hoor van alles aan over lichaamsvloeistoffen, balsemvloeistoffen, stukjes menselijke organen, haren en nagels en word echt fysiek onpasselijk. De dakman smeert ‘m en vertrekt naar het dak en de rioolman schept ondertussen een kleine 20 kilo ellende uit de put en gooit dat tussen de planten in de tuin. Nou, die zullen er volgend jaar zomer lekker bijstaan.

13.45 uur
De put wordt doorgespoeld, er komt een vreselijke lucht vrij die zich in no-time ook door het hele huis verspreidt en de rioolman vertelt dat ik heb geboft dat hij er zo snel bij was, want een regenbui had het huis niet overleefd.

14.00 uur
De dakman komt naar beneden en krijgt van de rioolman een preek over puin storten in afvoeren bij huizen van meer dan 100 jaar oud. De dakman wil alleen nog maar betalen en vluchten, maar hij zal moeten wachten tot de rioolman klaar is, dus ontsnappen kan voorlopig nog niet.

14.10 uur
Ondertussen blijkt Ph. zich dan toch voor mijn voordeur genesteld te hebben, maar ik heb de bel niet gehoord. De dakman wel en die is recht in de zeur- en zanik-val van Ph. gelopen en krijgt nu de volle lading. Terwijl ik de trap oploop, hoor ik ze bekvechten en stiekem sluip ik weer terug naar de tuin. Dan maar verhalen over menselijke resten, alles beter dan dat Franse gezeik.

14.30 uur
Ph. blijkt boos vertrokken te zijn, de dakman baalt als een stekker en de rioolman graaft zich aan de voorkant van het huis een ongeluk op zoek naar de terugslagklep. Ondertussen belt manlief op met 1000 dingen die ik voor hem moet uitzoeken en mailen naar deez en geen. Ik leg uit dat ik even geen tijd heb, dat ik een soort van druk bezig ben, maar dit keer is het manlief die geen tegenspraak duldt en dus hobbel ik maar braaf naar de computer.

14.45 uur
Ik heb uitgezocht en opgezocht wat manlief wilde weten, ik heb dat braaf gemaild en ben ondertussen ook nog gestruikeld over het poezenbeest, die zich verdekt had opgesteld achter mijn stoel. Dat levert me een dikke enkel en een gebroken koffiekopje op en het poezenbeest rent van schrik naar beneden, de tuin in, door de slurriesmurrie die de rioolman door de hele tuin gemorst heeft. Ik probeer kalm te blijven en besluit dat het nu genoeg is geweest. Iedereen moet weg en ik wil rust en pais en vree.

14.50 uur
Ik vertel de rioolman dat ik er nu wel een beetje klaar mee ben. Hij zegt dat ik niet zo onaardig moet doen en dat laatst nog iemand tegen hem zei dat ze hem in de fik zouden steken als hij niet zou opschieten. Ik zeg dat hem dat hier ook te wachten staat als het nog lang duurt en ineens gaat alles een stuk sneller.

15.00 uur
De dakman rekent af met de rioolman, 208 euro. Jammer voor de dakman, maar eigen schuld, dikke bult en ik bedank iedereen vriendelijk, sluit de voordeur en slaak een zucht. En dan kijk ik de gang in. Er loopt een poezenpotenspoor door de hele gang, de woonkamer in, de woonkamer weer uit, de trap af, de gang beneden door, de slaapkamer in, via de badkamer er weer uit, de logeerkamer door en aan de andere kant de trap weer op. Overal, maar dan ook overal, staan vieze zwarte poezenpootjes. Zucht.

15.30 uur
Goed. Het huis is weer schoon. Er hangt nog wel een smerige putlucht, maar het is in ieder geval schoon. De rust is weergekeerd en ik bel manlief. Of ik hem even kan halen in de stad. Tuurlijk. Het is tenslotte niet alsof ik nu even niets wilde doen, dus vooruit dan maar.

16.00 uur
Manlief is ziekjes en heeft een beetje een slechte bui. Hij vindt ook dat ik te hard rijd in Ieniemienie, en bij het inparkeren schreeuwt hij keihard “let op die fiets!”. “Die fiets!” staat op de stoep, helemaal niet in de buurt van Ieniemienie en dus snap ik niet waar al dat geschreeuw voor nodig is en nu is het bij mij ook gewoon klaar. Ik zeg tegen manlief dat hij uit moet stappen, lekker even iets voor zichzelf moet doen, dat ik dat ook ga doen en dat we dan straks allebei weer vrolijk zijn.

16.30 uur
Manlief rammelt zijn frustratie er uit op het toetsenbord van de computer en ik zit met de laptop op de bank. Waar manlief zich nog druk bezighoudt met zakelijke ellende, lees ik het Arubaanse sufferdje om te kijken wat er zoal gebeurt op ons eiland. Tenslotte vertrekken we al volgende week en dus is het wel handig als we een beetje op de hoogte zijn. Er gebeuren hele belangrijke dingen op Aruba, dat is wel duidelijk. Een paar krantenkoppen: “Kaasman doet zich voor als taxichauffeur”, “Vrouw richt ravage aan op hoofdweg luchthaven”, “Tiener slaat ouders” en als absolute klap op de vuurpijl: “Importheffing op breiwerk omlaag”. Kijk, das mooi, dan weet ik nu dat ik fijn goedkoop gebreide truien en sjaals kan importeren als ik eenmaal daar ben, want die heb je hard nodig bij een gemiddelde temperatuur van 30 graden!
Het nieuws heeft ook een paar dingen waar ik minder blij mee ben zoals: “Oktober, natste maand in jaren” en nog erger: “Boa’s over hele eiland verspreid”. Kijk, dat zijn nou berichten waar ik niet gelukkig van word. Misschien kan ik wel gebreide paraplu’s gaan importeren, maar dat is dan ook het enige positieve wat ik kan bedenken over de natste maand in jaren. Meer zorgen maak ik me over de boa’s! Heel stiekem hoop ik nog dat het over feestkleding gaat, maar bij het openen van het artikel blijkt het dan toch echt over boa constrictors te gaan. En het goede nieuws blijft maar komen: “de boa’s eten ook puppy’s en katten”. Waaaaat? Arm poezenbeest! Waar ze net nog door mij omgedoopt was tot “tropigatto” (tropische kat) besluit ik nu acuut dat ze het huis aldaar niet mag verlaten. Poezenbeest moet binnen blijven, in een afgesloten ruimte zonder kieren of gaten met een gesloten aircosysteem. Straks komt er zo’n akelig slanggeval die mijn tropigatto in een oogwenk wurgt en inslikt! Verschrikt vertel ik manlief het nieuws. Manlief lacht en zegt dat als het een boa lukt om onze tropigatto met haar afmetingen in te slikken, die boa dan in het Guiness Book of Records komt. Niet grappig, niet leuk en al helemaal niet complimenteus richting het poezenbeest. Ik pak mijn lieve tropigatto om haar te troosten en samen nestelen we ons veilig op onze Nederlandse bank, zonder enge slangen, onder een fijn dekentje met Animal Planet op tv. Soms is geluk heel gewoon en dit is zo’n moment.

17.30 uur
Hmmm. Ik was in slaap gevallen en wordt wakker gemaakt door manlief, die boven mijn hoofd hangt om te vragen wat we gaan eten zo. Ook tropigatto heeft ook honger en jengelt om voer, dus ik offer me op en sjok naar de keuken. Ik háát koken, zeker op commando, en ik heb helemaal geen honger. Maar goed, hongerige monden moet gevoerd worden, anders worden ze niet stil, dus vooruit dan maar. Ik neem de laptop mee naar de keuken, zodat ik nog een beetje kan neuzelen op internet terwijl het eten pruttelt en dan ontdek ik alwéér iets waar ik niet blij van word. Een weblog van een Nederlandse mevrouw op Aruba over kakkerlakken.

17.35 uur
Dit is dus geen leuk nieuws. Kakkerlakken zijn gek op vochtig weer en nu oktober zo’n natte maand was, hebben ze zich heerlijk voortgeplant. Ze zitten schijnbaar in alle hoeken en gaten en het enige waar ze niet van houden is fel licht. Ik vertel alles aan manlief en hij zegt dat we de pestcontrol laten komen en dat ik niet bang hoef te zijn. Tuurlijk. Wat hij nog niet weet, is dat ik, zodra we op het eiland inkopen gaan doen, 400 spaarlampen zal aanschaffen en daarmee ons hele romantische huisje zal verlichten als een Turks koffiehuis. Stop die romantiek maar op een plaats waar de zon niet schijnt en koop maar een zonnebril voor ’s avonds, want er zal geen plek slecht verlicht zijn in ons stulpje.

17.50 uur
Ik heb kip met rijst en kerrie gemaakt en de kip heeft wel wat weg van gebakken kakkerlak. Ook zie ik overal in mijn ooghoeken zwarte vlekken wegschieten, die er natuurlijk helemaal niet zijn. Ik ben echt volkomen hysterisch als het op insecten aankomt en kakkerlakken staan, naast spinnen, toch wel met stip op nummer 1 van mijn “doodmaken-zonder-erbij-stil-te-staan-lijst”. Tijdens het eten door vertel ik manlief dat iedere 3 weken de pestcontrol moet komen, dat we niet leuk zelf gaan tuinieren en dat er overal hordeuren moeten komen, omdat ik anders gewoon binnen 2 maanden in een gekkenhuis zit met een insectenfobie. Manlief zegt keurig ja op de goede momenten en schiet dan keihard in de lach. Of ik niet wist dat er op een eiland nou eenmaal tropische dieren en dus ook insecten zitten. En of ik had gedacht dat ik die tropische omstandigheden zonder nadelen in de schoot geworpen zou krijgen. Nee natuurlijk niet, maar ik had er niet op gerekend dat er zwarte weduwen (ja, die zitten er dus ook) onder de leuning van mijn tuinstoel zitten te broeden, dat er kakkerlakken uit de septic tank komen kruipen bij nat weer en dat ik er al helemaal niet op gerekend had dat er 650 boa constrictors in de tuin sluipen!

18.15 uur
Al 2 weken staat er een keurige tas in de logeerkamer met daarin “huisraad”. Deze tas gaat, naast de gewone bagage, mee als overgewicht naar Aruba en bestaat voornamelijk uit handige en onmisbare dingen als beddengoed, wat servies, wat bestek en 15 paar schoenen van mij (in mijn eigen koffer is daar gewoon geen plaats meer voor en omdat ik op een eiland ga wonen, wil dat niet zeggen dat ik geen fatsoenlijk schoeisel aan mijn voeten mag hebben!). Maar nu word ik geconfronteerd met een duivels dilemma. Na het lezen van al die enge verhalen rest me geen andere keuze dan mijn bug-away mee te nemen. Dat is mijn handige apparaat dat me de afgelopen jaren al heel wat keren heeft gered van enge spinnen en ander ongedierte. Maar ja, mijn bug-away is een meter lang en heeft een bijzonder onhandig formaat, dus ik moet wel iets anders uit de overgewichttas opofferen om plaats te maken voor de bug-away.

18.45 uur
De afgelopen 30 minuten heb ik de tas 30 keer in- en uitgepakt. Maar het is me dan toch eindelijk gelukt een plekje te maken voor de bug-away. Dan nemen we gewoon geen beddengoed mee. Als de bug-away er maar in past. Manlief komt kijken en mompelt iets over mijn schoenen. Ik doe net of ik het niet hoor en zeg dat het met 30 graden toch veel te warm is voor lakens, dus niet zeuren nou, het probleem is al lang opgelost!

19.00 uur
Oké. Ik heb er 1 paar schoenen uitgehaald. De tas bleek niet dicht te gaan en ik kan ook wel naar Aruba zonder paarse schoenen, dus die offer ik dan maar op.

19.05 uur
De paarse schoenen zitten er weer in. Ik heb het bestek er uit gehaald, want zonder die paarse schoenen kan ik mijn paarse jurkje niet aan en dan kan ik die ook niet meenemen en dat wilde ik nou juist zo graag. Niet meenemen is natuurlijk geen optie, en we kunnen best een paar dagen zonder bestek, dus niet zeuren. Alles past nu en ik ben tevreden.

19.30 uur
Manlief zegt dat ik er erg moe uitzie en naar bed moet. Ik zeg dat zelfs zijn dochterlief toen ze 6 was nog later naar bed mocht dan half acht en dat ik dus niet ga. Ik mompel ook nog dat de kippen zelfs nog niet op stok gaan om half acht en dat ik dus niet moe ben en zeker niet naar bed ga.

19.45 uur
Slik. Ik ben eigenlijk bekaf. Afgelopen nacht was een hele korte en vandaag was geen winstpakker op gezellig of positief vlak. En manlief heeft griep. Dus maak ik handig van die gelegenheid gebruik en zeg dat ik natuurlijk nog lang niet moe ben, maar dat manlief er wel ziekjes uit ziet en zullen we dan gewoon lekker in bed gaan liggen? Manlief schiet in de lach en sputtert niet tegen.

20.00 uur
Het is acht uur ’s avonds en nog voordat de kippen op stok zijn gegaan, liggen manlief en ik als 2 bejaarden heerlijk tegen elkaar aan gekropen in een lekker warm bedje. We drinken thee, eten bergen speculaas en kletsen honderduit.

20.30 uur
“Wat een dag hè… Uh, voor als ik zo in slaap val: slaap lekker schat..”. “Nou hè.. Is goed lief, jij ook lekker slaap voor straks..”.

20.35 uur
“Schatje, je hebt toch niet de huisraad opgeofferd voor schoenen en kleren hè?”. “Nee liefje, natuurlijk niet. Ik ben toch niet gek! Waar zie je me voor aan?”

20.45 uur
Snurk. Snurk.
 
Free Hit Counter